| Graftrommels in Nederland |
|
| door Leon Bok |
|
In het laatste kwart van de 19de eeuw verscheen een nieuw object op de Nederlandse begraafplaatsen. Metalen trommels, afgedekt met een glasplaat, met daarin bloemenkransen brachten ineens een andere vorm, andere kleuren en een andere manier van rouwverwerking op begraafplaatsen. De komst van deze zinken of ijzeren 'graftrommels', zoals ze vaak worden genoemd, kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Hoewel nog lang niet alles over deze trommels of dozen bekend is, is wel duidelijk dat het een samenloop van omstandigheden was die leidde tot het verschijnen van graftrommels op begraafplaatsen. Ook is in zekere zin bekend wat leidde tot het nagenoeg compleet verdwijnen van graftrommels. Een nadere beschouwing op het fenomeen 'graftrommel' of 'kransdoos' is op zijn plaats. Vooral nu dit funeraire object weer wat meer in de aandacht staat.
Vroegste geschiedenisHet woord 'graftrommel' komt in de Dikke van Dale niet voor, evenmin als de woorden kransdoos of grafdoos. In het Funerair Lexicon van H.L. Kok wordt wel een uitleg gegeven bij het woord grafdoos, met een verwijzing naar dat woord bij 'kransendoos'. Kok geeft aan dat een grafdoos een van zink vervaardigde ovale trommel is, van voren gedicht met glas. In de trommel waren zinken kunstbloemen bevestigd. Ook waren er volgens Kok rouwlinten, een palmtakje en een enkele keer een foto in de trommel geborgen. Na 1945 zou het gebruik verdwenen zijn en door weersomstandigheden zouden de meeste grafdozen volgens hem vernield zijn. Op internet worden inmiddels ook verklaringen gegeven voor wat een graftrommel is. De kenmerken van wat een grafdoos of graftrommel zou moeten zijn, komen alle neer op de volgende punten:
Hieronder gaan we per punt nader bekijken in hoeverre dit opgaat.
TrommelvormGraftrommels zouden volgens Kok ovaal zijn. Hoewel dat een gangbare vorm is voor veel graftrommels, zijn er andere vormen te vinden: rond, ei-vormig, vierkant en allerlei variaties qua vorm. Wat de vorm betreft is er dus geen sprake van één type.
ZinkHet is duidelijk dat veel graftrommels werden gemaakt van zink. Maar er werden ook trommels gemaakt van ijzer, blik, koper, brons of legeringen met die metalen. Daarnaast zullen er ook verzinkte trommels zijn geweest. Mogelijk dat de eerste trommels van ijzer of blik waren, maar dat vanwege de duurzaamheid en grote beschikbaarheid van zink later meer trommels van dat materiaal werden gemaakt. Over zink verderop meer.
Afgesloten met een glasplaatAlle graftrommels hebben met elkaar gemeen dat de bovenzijde met een glasplaat wordt afgesloten. Het glas is meestal goed doorzichtig waardoor de inhoud zonder problemen gezien kan worden. Het glas is meestal dun vensterglas of zogenaamd getrokken glas. Omdat het glas zo dun is, is het bijzonder kwetsbaar. Bij veel trommels is de bovenzijde feitelijk een apart deel dat er afgehaald kan worden, waardoor de benaming doos al snel naar voren komt. In dit deksel is het glas bevestigd. Het komt ook voor dat de gehele bovenzijde van de onderzijde afgehaald kan worden, wat vaak voorkomt bij graftrommels uit Groningen.
Binnenin kunstbloemenDe inhoud van de graftrommels bestaat veelal uit kunstbloemen en -planten, meestal in een kransvorm. Het type bloem of plant verschilt sterk. Vaak komen kransen van klimop, druivenblad of ander loofblad voor met daarbij bloemen van steengoed [zie kadertekst]. Dat zijn meestal rozen of lelies, maar ook aronskelken komen voor. Allerlei combinaties zijn denkbaar, bijvoorbeeld met varen- of palmtakken erbij. Ook komt men wel graftrommels tegen met daarin een krans van echte takken. Deze zijn uiteraard goed herkenbaar doordat ze meestal verdord en bruin zijn geworden. Sommige bloemen zijn nog scherp van kleur en vallen sterk op.In het geval van de kunstbloemen en -planten zijn de blaadjes vaak ook van blik of zink, vastgezet op een ijzeren ring. Blaadjes of bloemen van andere materialen, zoals stof, papier of zelfs kraaltjes zijn incidenteel ook bekend. Linten van metaal of echte stof komen wel voor, maar veel vaker zijn gestanste letterbanden uit zink gebruikt. Later gebruikte men voor de letters, op een strip gehecht, ook wel aluminium of soms zelfs plastic. Er bestaat een graftrommel met aluminium letters die te dateren valt rond 1924. In het geval van de kunstkransen werd getracht de realiteit zo dicht mogelijk te benaderen. Dat deed men zowel in vorm als in kleur waardoor de kransen soms niet van echt te onderscheiden zijn. De binnenkant van de trommel is niet altijd geverfd, maar gewoon in de kleur van de trommel, zinkkleur dus, gelaten. Wanneer de graftrommels aan de binnenkant wel geverfd zijn, is dat in de regel wit. Er zijn enkele trommels bekend met een afwijkende kleur aan de binnenkant, maar die zijn zeldzaam. Meestal is de buitenzijde van de graftrommel zwart. De oude, ijzeren trommels werden vaak in de teer gezet en die kleur is ook bij de blikken en zinken trommels gangbaar gebleven. Vaak was er sprake van slechte hechting waardoor de verf na enkele jaren alweer verdwenen was. Wanneer er in de trommel geen krans werd gedaan, dan waren er allerlei alternatieven zoals wat takken met foto's, tekstplaten, poppetjes en soms zelfs weef- en knoopwerkjes.
Geplaatst op een grafEen graf is zondermeer de plek voor een graftrommel, maar dat betekende niet dat er ook een natuurstenen grafmonument op het graf moest staan. Vooral in het midden van het land komen nog veel losstaande graftrommels voor die qua uiterlijk toch afwijken van die in het noorden van het land. Zijn ze in het noorden vaak voorzien van een 'groet' van vereniging, bedrijf of vrienden, in het midden van het land is er vaak een grafschrift opgenomen aan de bovenzijde van de trommel. Hier was de functie veelal wat anders want het was niet zomaar een toevoeging, maar een grafmonument op zich. Van plaatsing als een vorm van decoratie was meestal geen sprake, want het doel was anders. Bij losse plaatsing werd de trommel meestal op een betonnen tegel gezet, zodat de trommel stevig bleef staan. Veel graftrommels staan schuin op het graf, goed zichtbaar voor de bezoekers van de begraafplaats. Die schuine stand van de trommel kan op verschillende manieren tot stand worden gebracht. Sommige trommels hebben aan de achterzijde bovenaan pootjes van hetzelfde materiaal, maar er zijn ook talloze voorbeelden bekend van metalen standaards en beugels om de graftrommels op te plaatsen. In het noorden van het land komt het veelvuldig voor dat graftrommels met oogjes en beugels bevestigd zijn aan het grafhek.
Kwamen voor in de eerste helft van de 20ste eeuwGesteld wordt dat graftrommels van pakweg 1880 tot 1945 geplaatst werden op graven. Die periode is uiteraard niet exact te benoemen. Het is niet zo dat de sterfdatum die op het grafmonument wordt vermeld; leidend is voor de datum van plaatsing van de graftrommel. Kijkend naar de data op de grafmonumenten waarop nu nog graftrommels staan, dan lijkt het erop dat ze vooral geplaatst werden vanaf de jaren twintig tot in de jaren zestig van de 20ste eeuw. Oudere exemplaren uit het laatste kwart van de 19de eeuw komen overigens ook nog voor. Maar omdat het overgrote deel van de graftrommels opgeruimd is, is niet met zekerheid te zeggen welke periode ze vertegenwoordigen en wanneer ze precies geïntroduceerd zijn.
Niet meer voorkomend
Algemeen kan gesteld worden dat in de laatste veertig jaar van de 20ste eeuw nauwelijks nog nieuwe graftrommels werden geplaatst. Dat zal enerzijds te maken hebben gehad met afnemende belangstelling voor alles wat te maken had met de dood en anderzijds met grootschalige ruimingen aan het eind van de 20ste eeuw. Maar er zijn ook nog twee andere globale redenen te noemen, een juridische en een praktische.
Eerste conclusieNa het doornemen van de verschillende punten waaruit een graftrommel zou bestaan, komen we tot de conclusie dat een graftrommel in nagenoeg alle gevallen een trommel is, maar dat de vorm sterk kan variëren. Er bestaan graftrommels van zink, maar ook andere metalen zijn gangbaar, vooral blik is ook veel gebruikt. Wat ze echter gemeen hebben, is dat de trommels afgesloten worden met een glasplaat. In de trommel vinden we vaak kunstbloemen, maar er werden ook wel andere zaken in zo'n trommel geplaatst. De variëteit aan kunstbloemen kan overigens zeer groot genoemd worden. Ook zijn enkele kransen voorzien van echte (droog-) bloemen. Wat ook juist is, is dat graftrommels geplaatst werden op graven. Een enkele keer staan ze niet op een graf, maar waarschijnlijk zijn deze trommels verplaatst. Dat graftrommels alleen voorkwamen in de eerste helft van de 20ste eeuw lijkt ook niet helemaal juist. Het snelle verdwijnen van de trommels in de tweede helft heeft feitelijk verdoezeld dat ze nog tot in de jaren zestig regelmatig werden geplaatst en dat er daarna op kleinere schaal nog allerlei graftrommels zijn geplaatst. Daarmee is ook helder dat de graftrommel eigenlijk altijd is blijven voorkomen, maar niet per se in de vorm van de bekende zinken trommels. We vinden nu zelfs moderne trommels van glas en de kans bestaat dat u in de komende jaren weer moderne graftrommels gaat tegenkomen.
Verklaring voor de opkomstWaarschijnlijk verschenen de eerste graftrommels met kunstkransen rond 1860-1870 op begraafplaatsen. De vraag of het gebruik van de trommels uit België of Frankrijk afkomstig is, kan niet of nauwelijks beantwoord worden. In België worden her en der wel trommels aangetroffen, maar die dateren vaak uit dezelfde tijd en zijn zeker niet ouder of anders. Hoe het met Frankrijk zit is helemaal niet duidelijk. Op bezoek op Franse begraafplaatsen ben ik zelf nimmer dergelijke trommels tegengekomen. Het is zeer goed mogelijk dat de eerste graftrommels werden vervaardigd van ijzer. Dat had grote nadelen want het roestte snel, wat wellicht een verklaring is waarom er van voor 1920 weinig graftrommels te vinden zijn. Bovendien was het glas dat men aan het eind van de 19de eeuw kon gebruiken gepolijst en dat bevorderde niet een goede inkijk. De uitvinding van het vlakglas en de industriële toepassing daarvan, samen met een verdere toepassing van zink, maakte het redelijk goedkoop om graftrommels op grotere schaal te produceren. Het metaal zink werd al veel langer gebruikt, maar dan voornamelijk bij de bereiding van geel koper, oftewel messing. Maar het zink als zodanig kende men nog niet in Europa. Het 'zink' dat wij kennen, werd in de westerse wereld ontdekt door de Duitser Andreas Marggraf in 1746. Hij gaf het metaal zijn huidige naam. Zinklegeringen werden echter al eeuwenlang gebruikt. In het nabije en midden-oosten zijn objecten gevonden die tot 87% zink bevatten en dateren van ver voor onze jaartelling. Het smelten en zuiveren van zink was rond het jaar 1000 al gebruikelijk in India. In Europa echter duurde het nog een aantal eeuwen voordat men hier zink kon maken. Dat kwam door moeilijkheden bij het bereiden van het metaal. Zink wordt namelijk al bij betrekkelijk lage temperatuur (907 graden Celsius) gasvormig. In de ovens die men tot dan toe gebruikte had het zinkerts de neiging om in gasvormige toestand met de uitlaatgassen te ontwijken. Wanneer men bij het smeltproces kopererts toevoegde, had men dat probleem niet, omdat de zinkdamp meteen in het vloeibare koper oplost. Tussen 1600 en 1750 werd zink (in betrekkelijk kleine hoeveelheden) uit India en China naar het op dit punt technologisch achtergebleven Europa geëxporteerd. In de 18de eeuw was er slechts één plek in Europa waar zink geproduceerd werd en dat was in Bristol in Engeland. In 1806 ontdekte de geestelijke en scheikundige Dony een origineel reductieprocédé om zinkerts om te zetten in walsbaar metaalzink. Napoleon bekrachtigde dit procédé officieel in 1809. Vanaf dat jaar mocht Dony ook de zinkertslagen in het gehucht Vieille Montagne in België exploiteren. Naast deze Luikse methode waren er ook nog de oudere Engelse methode en de Silezische methode. Hoewel de Luikse en de Silezische methode een verbetering waren ten opzichte van de Engelse, blijkt het niet gemakkelijk één methode als de beste te benoemen. Beiden hadden hun voor- en nadelen.
Een verklaring voor de verdere opkomst en toename van het aantal zinken graftrommels in de 20ste eeuw kan gelegen zijn in het feit dat rond de Eerste Wereldoorlog de productie van bouwornamenten wegviel. Om dit op te vangen kan men overgeschakeld zijn op de productie van trommels. Het gewalste bladzink vond zo dan toch nog een toepassing. Los van de graftrommels treffen we op begraafplaatsen ook nog we andere zaken van zink aan, zoals een enkel beeld, grafkruizen en beluchtingspijpen van grafkelders. Ook steekvazen en dergelijke werden van zink vervaardigd.
NadeelZink heeft één nadeel. In direct contact met een edeler metaal zal het zink sneller gaan roesten. Dat roestproces wordt zichtbaar doordat in het zink gaten vallen. Het roest op ijzer betekent nog niet dat het gehele object zwak wordt, terwijl dat bij zink dus wel het geval is. Gek genoeg wordt die eigenschap van zink juist wel weer gebruikt om ijzer te verzinken en het juist duurzamer te maken. Maar daarbij wordt een andere methode toegepast. Ondanks de negatieve eigenschappen van het materiaal en wellicht ook de breukgevoeligheid van het dunne glas, werden graftrommels zeer populair. Op oudere foto's van begraafplaatsen zien we soms op één plaatje tientallen trommels. Ooit lagen er duizenden trommels op de graven in heel Nederland. Ze hadden als grote voordeel dat voor andere nabestaanden of verder afstaande vrienden en kennissen op deze wijze toch een gedenkteken kon worden achtergelaten op het graf. De familie plaatste vaak een natuurstenen grafteken en anderen plaatsten daar één of meerdere trommels bij met daarin een persoonlijke groet. Wat een trommel destijds precies kostte, is niet bekend, maar dat die prijzen zeer uiteenlopend moeten zijn geweest kan opgemaakt worden uit de diversiteit aan trommels die er te vinden is.
De vulling van de graftrommelsTerwijl de trommel een aardig stuk werk was van een smid, blik- of koperslager, zal een deel ook meer fabrieksmatig geproduceerd zijn, vooral in de 20ste eeuw. Een zekere standaardisatie is in de trommels die nu nog gevonden worden, dan ook wel te zien. Dat gold ten dele ook voor de vulling van de trommels. De trommels bevatten voor het grootste deel bloemen en dan met name in een kransvorm. Door een zeer diverse toepassing van het voorhanden zijnde materiaal, lijkt echter geen enkele krans op de andere.
Gebruikt door wie?Er wordt rondom graftrommels vaak gesteld dat het voornamelijk een protestants gebruik zou zijn geweest om graftrommels te plaatsen. In hoeverre dat opgaat, kan moeilijk meer achterhaald worden omdat er zoveel graftrommels verdwenen zijn. Feit is dat er in Nederland ook op katholieke begraafplaatsen trommels voorkomen. Op begraafplaatsen in het zuiden van het land, met een duidelijke katholieke signatuur komen ze ook voor. Wat wel gesteld kan worden is dat de meeste nog voorkomende graftrommels op gemeentelijke en hervormde begraafplaatsen te vinden zijn. Zoals reeds aangegeven, werden de trommels geplaatst door nabestaanden, maar vaak ook door verenigingen, klasgenootjes, clubs en bedrijven. Ook buren en vrienden plaatsten soms een graftrommel. Kennis over wie de trommels plaatsten, kunnen we in een aantal gevallen direct van de graftrommels zelf betrekken. Vaak staat in een letterband een laatste groet en een afzender vermeld. Aan de eerder genoemde redenen voor het nagenoeg verdwijnen van graftrommels kan ook nog een sociaal-culturele factor worden toegevoegd: mensen werden na de Tweede Wereldoorlog mobieler, verhuisden vaker en kregen een ander sociaal leven. Bovendien ontzuilde Nederland in de jaren zestig van de 20ste eeuw in rap tempo. Met name in de vooroorlogse jaren kende Nederland een sterk verzuilde samenleving, waarin het sociale aspect van rouwen een belangrijke plaats had. Na de Tweede Wereldoorlog veranderde het uiten van collectief verdriet over een verlies dan ook en het werd vaak anders beleden en in een andere vorm gegoten.
Afwijkende graftrommelsOp elke regel is een uitzondering te vinden. Dat ging, en gaat ook op voor graftrommels. Er zijn varianten op het dominante type, maar er zijn ook voorbeelden waarbij het concept aangepast is. Dan spreken we niet meer over een losse trommel, maar is de trommel onderdeel geworden van het grafmonument. In Nederland zijn de voorbeelden daarvan zeldzaam. Enkele voorbeelden zijn ondermeer te vinden in de provincie Groningen, IJsselmuiden en Leeuwarden. Een enkele keer is er nauwelijks nog sprake van een trommel, bijvoorbeeld bij één type dat bestaat uit een gemetselde bak met daarop een glasplaat.
AantallenAls er ooit duizenden graftrommels op begraafplaatsen hebben gestaan, hoeveel zijn er daar dan nog van over? Voorzichtige schattingen lopen uiteen van 600 tot 800. Dat aantal verschilt sterk van provincie tot provincie. In de provincie Groningen hebben Jan Battjes en Harry de Olde een onderzoek gedaan naar
VragenEr blijven al met al nog veel mysteries rond graftrommels. De vraag naar de oorsprong van het gebruik om graftrommels op graven te plaatsen is nog niet beantwoord. Theorieën zijn er wel, maar in hoeverre deze kloppen valt nog lang niet te zeggen. Het zou mooi zijn wanneer een nader onderzoek ingesteld zou kunnen worden naar de verschijningsvorm van graftrommels. Dan zouden de verschillende trommels wellicht gecategoriseerd kunnen worden en daarmee met elkaar vergeleken op voorkomen en inhoud. De notie dat de trommels in Friesland anders gevormd zijn dan die in Gelderland kan belangrijk zijn om te leren over de rouw- en grafcultuur uit een periode waarover nog maar weinig bekend is in Nederland. (2008)
Met dank aan: John van Manen, Evert Jan Halkus, Jan Battjes en Harry de Olde.
Literatuur
Internet
Alle vragen die Battjes en De Olde hebben nog eens op een rij:
Kunt u helpen met het beantwoorden van een vraag. Mail ons
|
|
Laatst aangepast op vrijdag 29 januari 2010 18:07 Heeft u op- of aanmerkingen over bovenstaand artikel? Uw reactie wordt op prijs gesteld. |