| Urk - Kerkje en Kerkhof aan de Zee |
|
| door Leon Bok |
|
Urk was niet altijd calvinistisch en ook niet gericht op de zee. Urk was in de Middeleeuwen veel groter en kende zelfs meerdere nederzettingen. In de 16de eeuw resteerde daarvan nog maar één: Espelbergh (of Espelo). Na de Allerheiligenvloed van 1570 resteerde van dat dorp alleen nog de parochiekerk. Het stond vanaf dat moment midden op een bank voor de kust van Urk die bekend staat als de Vormt. De kerk was de laatste jaren van zijn bestaan alleen wadend door zee of per bootje bereikbaar. De meeste bewoners van Espelo waren inmiddels in de luwte van de keileembult op het eiland gaan wonen. Deze "Bult" stak zeker acht meter boven N.A.P. en bood voldoende veiligheid. In de loop van de 17de eeuw verruilden de Urkers de landbouw voor de visserij als hoofdmiddel van bestaan. Urk was voor de zeevaart van de stad Amsterdam een belangrijk punt in de Zuiderzee. Toen de stad Amsterdam in 1660 de heerlijkheid Urk en Emmeloord kocht, betekende dat voor het eiland dat van af die tijd de bestuurszaken vanuit Amsterdam geregeld werden. Toen pas kon ook de protestantisering van het eiland met succes worden aangepakt. Er werd een magistraat door de stad Amsterdam benoemd, waardoor de roomse zielszorg werd tegengegaan. Binnen enkele generaties was Urk een volstrekt calvinistische gemeenschap geworden. In 1792 gaf Amsterdam de heerlijkheid Urk terug aan de Staten van Holland. Na de Franse tijd (1795-1813) werd het eiland een zelfstandige gemeente, wat het tot op heden is gebleven.
Kerkje aan ZeeMet de altijd dreigende zee in gedachten werd ook de kerk naar de Bult verplaatst. Van de oude kerk resteerde enkel de oude kerkklok, in 1461 gegoten (hergoten in 1936). In 1711 stortte het dak van deze kerk in, maar ze werd hersteld. Bij een storm, drie jaar later, werd de kerk zwaar getroffen en werd een nieuwe kerk gebouwd. Deze hield het echter ook niet zo lang vol, want in 1781 stortte het dak in. Kennelijk werd de kerk weer gerepareerd, maar uiteindelijk was de oude kerk zo bouwvallig dat men wederom voor instorting vreesde. Daarop werd een houten loods gebouwd, die tijdelijk als kerk en school zou dienen.
Het kerkhofToen Urk steeds minder landbouwgrond kreeg, werd het eiland meer afhankelijk van de visserij. Veel Urkers kwamen om op zee en werden op het kerkhof herdacht, naast degenen die op het eiland zelf hun laatste adem uitbliezen. In de loop van de 19de eeuw was het nog steeds gevaarlijk op het eiland want de afkalving van het eiland dreigde continu. Echter niet zo erg als op het eiland Schokland. Dat eiland werd in 1859 op last van de Koning ontruimd, waarna veel Schokkers zich op Urk vestigden. Wie op Urk Buter, Van Eerde of Ruiten heet, is vrijwel zeker van Schokker afkomst. Op het oude kerkhof naast het kerkje zijn Het kerkhof ligt aan de zuidzijde van de kerk en is te bereiken via een fraaie poort die uit giet- en smeedijzeren delen bestaat. In een boog boven het hek staat de tekst "Laatste rustplaats" met in het midden een toepasselijke doodskop met beenderen. Het zal een ieder duidelijk zijn wat voor plek hij hier betreedt. Het gehele kerkhof wordt door een hek omgeven, deels bevestigd op een laag bakstenen muurtje. Het kerkhof ligt wat hoger dan de omgeving, waarschijnlijk als gevolg van het vele begraven. Aan de zuidzijde staat een rij bomen, maar die hebben ook ooit aan de andere zijden gestaan. Het baarhuisje staat in de zuidwestelijke hoek van de begraafplaats en is in de tijd een aantal malen verbouwd. De grafmonumenten, afwisselend staande of liggende stenen, liggen dicht opeen met op de open ruimten fijn grind. Er wordt nog steeds begraven, getuige de wat nieuwere grafmonumenten en de bijzettingen in bestaande graven. Tussen de grafmonumenten ligt nog een aantal zerken uit de tweede helft van de 19de eeuw. Samen met de latere grafmonumenten vormen ze een fraaie staalkaart van het begraven op Urk in de laatste anderhalve eeuw. Op de grafmonumenten valt regelmatig de tekst "verdronken" of "gebleven op zee" te lezen. Samen met de foto's die op sommige grafmonumenten voorkomen, maken ze dit kerkhof tot een bijzondere plaats.
Vissersmonument
Jaarlijks wordt bij het monument een herdenking gehouden. Dan wordt stil gestaan bij de 353 mannen die van 1865 tot 2006 door ongelukken op zee bleven. Wie op de platen de namen leest, ziet dat soms hele families op zee bleven, maar ook dat sommige jongens nog maar acht jaar oud waren toen ze uit het leven werden weggerukt door de golven. (2006)
Literatuur
Internet
|
|
Laatst aangepast op zaterdag 25 juni 2011 11:20 Heeft u op- of aanmerkingen over bovenstaand artikel? Uw reactie wordt op prijs gesteld. |