Dijk, Cornelis Gijsbert van

Geschreven door B.H.J.N. Kooij op . Gepost in Kunst & Cultuur

 

* DRIEBERGEN 10 OKTOBER 1864 – † VELDWIJK 25 JULI 1905

BLOEMIST, KWEKER, HOVENIER EN RAADSLID TE ZEIST

Tot een van de eerste Zeister commerciële bloemisten kan Cornelis Gijsbert van Dijk van Bloemisterij Flora gerekend worden. Hij was een vakman eerste klas en daarvoor kreeg hij de nodige waardering. Het gebrek aan voldoende zakelijke kwaliteiten nekte hem uiteindelijk en bracht hem over de rand van de afgrond. Hoe het verder ging met het bedrijf van Van Dijk is te lezen in het artikel over Derk Meeuwenberg (1874-1954).

Privé

Grafmonument van C.G. van Dijk.Cornelis Gijsbert van Dijk werd op 10 oktober 1864 in Driebergen geboren. Hij was het tweede kind van de landbouwer Gijsbert van Dijk (1830-1872) en Teuntje van Vulpen (1830-1908). Cornelis Gijsbert voelde zich aangetrokken tot het hovenierswerk en vooral de bloemisterij. Na zijn opleiding volgde een periode van werkervaring op doen. Hij werkte onder andere een periode in de tuinen van paleis Soestdijk en paleis Het Loo. Rond zijn 25ste wilde hij voor zichzelf beginnen in Zeist.

Toen de zaak eenmaal goed liep, begon hij aan trouwen te denken. Op zijn levensweg ontmoette hij de in Erichem (gemeente Buren) geboren. Alida Hendrika van Vulpen, geboren 17 september 1870. Zij traden op 3 november 1892 in Werkhoven in het huwelijk. Mogelijk woonden zij een periode in Werkhoven. Beide echtelieden waren Nederlands Hervormd. De ruim zes jaar jonger Alida H. schonk hem drie kinderen, te weten Gijsbert (6 september 1893), Johannes Cornelis (1 juni 1896) en Teuntje Maria (25 januari 1903). [1] Zij woonden achtereenvolgens op de volgende adressen: A 249, Utrechtseweg A 64, Montaubanstraat A 4, 1e Hogeweg B 1 en Jacob van Lennepplein 10. Naast zijn werk was Van Dijk bestuurslid van de afdeling Zeist van de Nederlandse Maatschappij van Tuinbouw en Plantkunde.

Omdat Van Dijk het zware werk met lange werkdagen waarschijnlijk minder aan kon, verlegde hij een deel van zijn werkveld naar de politiek. Van 1895-1903 zat hij in de gemeenteraad van Zeist. Zijn oudste zoon Gijsbert van Dijk (1893-1955) zou later in de periode 1945-1955 vier keer lid van de gemeenteraad en tweemaal wethouder van Zeist worden. [2] Of hij door dit werk minder greep kreeg op zijn bedrijf, weten we niet. In ieder geval is bekend dat zijn bedrijf in 1904 failliet ging.

Zijn vrouw Alida kon niet vermoeden dat zij na amper dertien jaar huwelijk weduwe zou worden en dat er daarna voor haar een zwaar leven zou komen buiten Zeist met de volledige zorg van drie opgroeiende kinderen. Ze had ongetwijfeld een ander beeld voor ogen waarin de kinderen zouden helpen in de bloemenzaak. Het mocht niet zo zijn. Toch moet zij ergens wel geweten hebben dat haar schoonvader ook niet oud was geworden en dat dat lot mogelijk ook haar man zou treffen. Cornelis Gijbert van Dijk overleed in Veldwijk (gemeente Ermelo) op 25 juli 1905 waarna hij op de oude gemeentelijke begraafplaats in Zeist is begraven. [3] De reden waarom hij naar Veldwijk ging, is onbekend. Teuntje van Vulpen overleefde hem ruim 57 jaar; op 16 oktober 1962 overleed zij op hoge leeftijd in Zeist.

Tekst op de steen van het graf van C.G. van Dijk (M17) op de oude gemeentelijke begraafplaats aan de Bergweg in Zeist:

RUSTPLAATS

VAN

CORNELIS GIJSBERT

VAN DIJK

GEB. TE DRIEBERGEN 10 OKT. 1864

OVERL. TE VELDWIJK 25 JULI 1905

 Detail van de tekst op het grafmonument.Het gaat hier om een rechthoekige grafzerk die rondom begrensd wordt door een laag smeedijzeren hekje. De grafsteen is een lange platte hardstenen plaat waarin bovenaan een iets verdiept kader is aangebracht. Een korte en sobere tekst is in dit kader uitgespaard. Opvallend is dat Van Dijk hier alleen begraven ligt en dat er niemand is bijgeplaatst. Op de steen is nog voldoende ruimte voor meer namen. Mogelijk heeft het feit dat de begraafplaats bijna gesloten werd in de tijd dat zijn vrouw overleed, hier mee te maken dat ze hier niet is bijgezet.

 

Ontstaan kwekerij-bloemisterij Flora

In september 1889 deed zich plots de gelegenheid voor om het zeven jaar oude bedrijf van de gebroeders Boekweg aan de Montaubanstraat 4 in Zeist over te nemen. Voor het bijeenbrengen van een collectie planten was men destijds veel tijd en veel geld kwijt. Van Dijk was daarom des te meer verheugd toen hij de zaak met deze verzameling planten kon overnemen. De bloemisterij lag op het terrein van de voormalige buitenplaats Veelzicht. Na het overlijden van eigenaresse Contantina Isabella Jacquelina van Ghesel in 1872 werd door de erfgenamen de buitenplaats verkocht. De nieuwe eigenaar Pieter van den Ahrend uit Utrecht verkavelde tussen 1873 en 1880 het terrein in 22 kavels en liet er verschillende panden op bouwen die hij later weer doorverkocht. Onder andere bouwde hij in 1876 aan de Montaubanstraat het huis Flora. Enkele jaren later in 1882-1883 verkocht hij Flora en de daarbij gelegen tuin aan Johannes Hermanus Boekweg voor het stichten van een bloemisterij. Naar dit huis werd de kwekerij en bloemisterij vernoemd. De tuin was de vroegere moestuin van Veelzicht. In deze moestuin stonden verschillende kassen die Boekweg tegelijkertijd overnam.

Ansichtkaart van de Montaubanstraat in Zeist, gedateerd 1905-1910, HUA.  Rechts op de afbeelding is te zien no. 4:  huis FLORA met gelijknamige bloemisterij (1872). Het huis dateert uit 1876; de bijbehorende winkel uit 1900.Johannes Hermanus Boekweg (1818-1885) was in navolging van zijn vader Hendrik Gerrit Boekweg (1789-1859) tuinbaas op de buitenplaats Veelzicht. Deze buitenplaats lag in het centrum van Zeist aan de Utrechtseweg naast de Oude Kerk. Na de verkoop van de buitenplaats moest Johannes Hermanus op een andere wijze zijn boterham verdienen. Slechts van zeer korte duur zou dit avontuur zijn want op 30 juli 1885 verdronk hij op bizarre wijze in de vijver van zijn tuin. Zijn beide zonen Hendrik Gerrit en Hermanus namen de zaak over. Ook zij bleven er maar kort, want zij overleden op tamelijk jonge leeftijd; de eerstgenoemde op 33-jarige leeftijd in 1889 en de tweede op 37-jarige leeftijd in 1890. Drie generaties Boekweg hadden gedurende vele tientallen jaren een aanzienlijke verzameling planten bijeengebracht bij Veelzicht. Later zou deze verzameling planten de basis vormen voor de eigen te starten bloemisterij van Van Dijk.

De kassen in de tuin achter Flora dateerden hoogstwaarschijnlijk uit de negentiende eeuw. De vermogende weduwe Anna Cornelia van Ghesel-Boudaan uit Utrecht, die in 1815 eigenaar van Veelzicht werd, zal mogelijk de opdracht voor de bouw van de kassen hebben gegeven. Destijds zal Hendrik Gerrit Boekweg als jonge tuinbaas zijn aangesteld. In de notariële akte uit 1815 is nog geen sprake van bovengenoemde kassen, wel van broeibakken in de reeds bestaande moestuin. Het is ook mogelijk dat haar dochter Constantina Isabella Jacquelina na de dood van haar moeder in 1831 opdrachtgever was van een of meer kassen. Gezien de tijd waarin de kassen werden geplaatst, moeten we te maken hebben gehad met houten kassen.

De archivaris van het gemeentelijk archief in Zeist, R.P.M. Rhoen, meldt dat in 1904 op de bloemisterij Flora naast het woonhuis zeven verwarmde kassen, acht broeibakken met ramen, een pottenschuurtje, een paardenstal en 2 schuren voor opslag stonden. [4] Een summiere afbeelding van de bloemisterij in een van de prijscouranten laat diverse bloemenkassen in de vorm van vollegronds- en tabletkassen dicht opeen zien. Als we deze kassen (1923) vergelijken met de lijst van kassen op een inventarislijst uit 1872, die is opgemaakt ten behoeve van de verkoop, dan is er geen enkele overeenkomst vast te stellen. In de inventarislijst is sprake van een reeks lessenaars of halve kassen, ook wel bekend als muurkassen, die voor een belangrijk deel voor fruitteelt, zoals druiven, perziken en ananassen, werden ingezet. Mogelijk de tuinbazen Broekweg, maar waarschijnlijk Van Dijk, hebben een reeks nieuwe kassen geplaatst die meer aan de wensen van een professionele bloemisterij voldeden. Het is niet uitgesloten dat Van Dijk hiermee extra schulden maakte.

In de kassen zullen verschillende klimaten voor de teelt van allerlei verschillende gewassen zijn nagestreefd. Om bijvoorbeeld orchideeën te kunnen telen is een subtropisch tot tropisch klimaat nodig. Vooral in de winter moest Van Dijk behoorlijk stoken om het gewenste klimaat in stand te houden. De kas voor het overwinteren van oranjerieplanten diende slechts vorstvrij gehouden te worden. In 1903 plaatste de firma Gadellaa een nieuwe verwarmingsinstallatie, maar er wordt in de brochure van Gadellaa niet aangegeven waar precies de installatie is geplaatst. [5]

Eigen bedrijf met nieuwe winkel

Catalogus FLORA 1897.Inmiddels had Van Dijk een netwerk opgebouwd waaruit hij later veel opdrachten kreeg. Om zijn bestellingen snel te verwerken liet hij zich al spoedig aansluiten op het netwerk van de telefoon. In 1902 blijkt hij telefoon no. 38 te hebben. [6] Tot zijn klanten kon hij onder andere ’paleis Soestdijk’ rekenen. Volgens Van der Burg en Rhoen heeft hij geregeld aan het Hof geleverd. [7] In zijn catalogi en prijscouranten schrijft hij regelmatig dat “Afgesneden bloemen zijn te allen tijde voorhanden: ook des winters, door geregelde aanvoer uit het zuiden”. Al snel was Van Dijk een begrip in Zeist. In de Weekbode van 1890 lezen we ter gelegenheid van het Prinsessefeest te Zeist al de eerste waarderende woorden: ”We kunnen een woord van waardeering niet onthouden aan onze bekwamen bloemist, den heer van Dijk, die niet alleen woont op “Flora”, maar steeds toont zeer vertrouwd te zijn met Flora; moge hij ervaren dat zijne ambitie en goeden smaak meer en meer gewaardeerd wordt zoowel in als buiten onze gemeente”. [8]

Van Dijk bleek zich ontwikkeld te hebben tot een vakman die om zijn kwaliteitsproducten werd gewaardeerd. Diverse prijzen in de vorm van medailles, certificaten en dergelijke wist hij in de loop der tijd in de wacht te slepen. In 1895 werd hij hofleverancier. [9] Telkenmale vermeld hij dit als een aanbeveling in zijn catalogi. In zijn catalogus van 1900 vermeldt hij: “Hofleverancier van H.M. de Koningin-Moeder”. In 1901 mocht hij na toestemming van koningin Wilhelmina het koninklijk wapen voeren.

Tot medio 1899 werden in een soort werkplaats of kasloods de bloemenbestellingen gereed gemaakt voor de klant. In diezelfde ruimte stond ook een aantal zinken emmers met bloemen. In zijn catalogus van 1900 schrijft hij dat dit werk en de opslag nu ergens anders zou plaats vinden: “Beleefd noodig ik alle Bloemenvrienden uit, mijne Bloemisterij, ”Flora” te Zeist, waaraan thans eene, naar de eischen des tijds ingerichte, Bloemenwinkel is verbonden, met een bezoek te willen vereeren”.

Catalogus en prijscourant in één

Catalogus FLORA 1902 (bibliotheek WUR).Van al zijn planten gaf hij geregeld een catalogus met prijscourant uit. [10] Tot nu toe zijn bij de bibliotheek van de universiteit van Wageningen, die een verzameling kwekerscatalogi in bezit heeft, vier stuks bekend uit de periode 1897-1902. Toch moeten er in andere jaren ook catalogi zijn verschenen. Dit betekent dat er ongeveer tien jaargangen ontbreken. De ongeïllustreerde catalogi van Van Dijk zijn vergeleken met die van andere bloemisten tamelijk luxe uitgaven die in de loop der jaren steeds omvangrijker zijn geworden. In 1897 telde de uitgave 52 pagina’s en in 1902 was hij uitgegroeid tot 92 pagina’s. Hij schrijft in 1902 zelf hierover: “Het is steeds mijn streven geweest mijne verzameling vaste planten…te completeren met de nieuwste en beste soorten...”. In zijn catalogus is een grote verscheidenheid van bloeiende planten te vinden. Ook bol- en knolgewassen, vruchtbomen, coniferen en speciale planten zoals kas- en oranjerieplanten en rotsplanten. In 1902 meldt hij dat hij nu ook een ’boomkweekerij’ erbij heeft om aan alle vragen te kunnen voldoen. Waar Van Dijk andere terreinen had, is niet precies bekend. Mogelijk huurde hij een terrein op de buitenplaats Kersbergen, gelegen aan de andere kant van de Utrechtseweg tegenover de Montaubanstraat, dat de ’kweek van Van Dijk’ werd genoemd. [11] Vóór 1889 had Van Dijk al een boomkwekerij buiten het centrum van Zeist aan de Bunsinglaan die hij ná de overname bleef aanhouden.

Naast het kweken van gewassen was hij ook actief als uitvoerder van groenwerken. Voor het aanleggen van tuinen en parken bood hij zich ten zeerste aan. Zowel het kweken van bomen als het aanleggen van groenwerken kan gezien worden als hovenierswerk in tegenstelling tot het fijnere werk van de bloemisterij. Voor het vele werk wat dit met zich mee bracht, moet hij het nodige personeel in dienst hebben gehad, maar daarover is niets bekend.

Tragisch einde

Uit zijn catalogi straalt een degelijkheid en een betrouwbaarheid uit die niets te wensen overliet. Op tentoonstellingen was hij her en der in het land actief om bekendheid te krijgen en zijn goede waar aan te prijzen. Van de sociaal bewogen kant leren wij Van Dijk kennen door verschillende vermeldingen in de Weekbode. Eén daarvan was bij gelegenheid van de verjaardag van H.M. de Koningin in augustus 1900 toen er ’s avonds een muziekuitvoering op het Rond plaats vond. De muziektent was inderdaad keurig versierd “ …met bijzonder veel smaak was alles aangebracht. Dit werk was aangebracht door den heer C.G. van Dijk”. [12]

Uit de historische bronnen wordt niet duidelijk waarom hij in 1904 failliet ging. Was hij geen goed zakenman? Voor de hand ligt dat hij ziek was en de zaak niet meer aan kon. Depressiviteit, hartfalen, spanningen…… we weten het niet. Opvallend is dat zijn bedrijfsleider Derk Meeuwenberg, waarover een apart artikel is geschreven, in november 1903 opstapt en voor zichzelf begint. Van Dijk heeft dan ongeveer 15 jaar het bedrijf gehad dat door Johannes Hermanus Boekweg in 1882-1883 was opgericht.

Overlijdensadvertentie in: Het Nieuws van den Dag, 29-07-1905.Bekend is dat Van Dijk grote schulden had. Rhoen meldt dat Van Dijk vanaf 1889 10.000,- gulden in het krijt stond bij Jkvr. B.W.J.G. de Geer en voor een onbekend bedrag bij de Zeister paardenhandelaar Teunis van de Haar en bakker Hermanus van Loghem. Waarschijnlijk door het niet op tijd inlossen van zijn schulden, werd hij failliet verklaard. Op 12 oktober 1904 werd de bloemisterij met alles wat daarbij hoorde en een bouwterrein openbaar verkocht voor 16.985,- gulden aan de voormalige bedrijfsleider Derk Meeuwenberg. Op 21 december 1904 heropende Meeuwenberg de bloemisterij. Vrijwel direct nadat het faillissement was uitgesproken vertrok Van Dijk naar de Veluwe alwaar hij in de zomervakantie van 1905 de geest gaf op de leeftijd van 40 jaar. Moe, teleurgesteld en stress leidde mogelijk tot zelfmoord. Hij liet zijn vrouw achter met drie jonge kinderen die nog veel te jong waren om het bedrijf over te nemen. Het einde van het bedrijf kwam eigenlijk te vroeg, maar het lot beschikte zo. (2017)

 

Noten

[1] V.A.M. van der Burg en R.P.M. Rhoen, De gemeenteraad van Zeist 1851-1976, Zeist 1994, p. 42-43.

[2] Van der Burg en Rhoen 1994, p. 43.

[3] Graf id-nummer 768617; Begraafplaatsnummer 1167; Plaats MO17.

[4] R.P.M. Rhoen, ‘De historie van de buitenplaats Veelzicht’; in: Cascade Bulletin voor tuinhistorie 1996 -1, p. 20-42.

[5] Brochure Gadellaa 1881-1931.

[6] L. Visser, Het dorp Zeist, Zeist 1980, p. 104-107.

[7] V.A.M. van den Burg en R.P.M. Rhoen, ’Zeister bedrijven Koninklijk onderscheiden’, in: Seijst III/IV 2002, p. 118-119.

[8] Weekbode voor Zeist, Driebergen en Omstreken. Zaterdag 6 September 1890. Vanaf 31 augustus 1891 wordt Prinsessedag Koninginnedag genoemd.

[9] GAZ, inv.no. 256. Ingekomen stukken 1895. Nº 892/59 K. In 1895 werd het aan C.G. van Dijk vergunning verleend het Wapen van Hare Majesteit de Koningin-Weduwe te voeren.

[10] De catalogus en prijzencourant van Van Dijk is één en hetzelfde drukwerk. Waar in de tekst catalogus wordt genoemd, wordt tegelijkertijd ook de prijscourant bedoeld.

[11] R.P.M. Rhoen, ’De nieuwe haven bij Kersbergen’, in: Seijst 4, jrg 22, december 1992, p. 94.

[12] Weekbode voor Zeist, Driebergen en Omstreken. Zaterdag 1 September 1900.

Beeldbank

Tijdelijk niet beschikbaar

  • Begraafplaatsen
  • WO II
  • Crematoria

 

Foreign section

Contact

E: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.