| Mansholt, Derk Roelfs |
|
| door Marten Mulder |
|
* Ditzumer Hammrich 29 maart 1842 - † Groningen 1 februari 1921
Bekend is dat, meer dan op Nederlandse grafstenen, op de Duitse grafstenen het beroep van de overledene vermeld staat. Zo lezen we dan ook meermalen op 19e eeuwse graven van de Duitse Mansholts hun beroep, namelijk dat van Landwirt.
Ubbo Jansen Mansholt (1812-1883)Ubbo Jansen Mansholt, die op 31 maart 1812 geboren was in het Ostfriese Ditzumer Hammrich en daar landbouwer was op een pachtboerderij, stak in 1866 de grens over en vestigde zich met zijn gezin als landbouwer in het Groninger Eexta (gemeente Scheemda), waar hij een boerderij kon kopen. Taalproblemen zal dat nauwelijks
Derk Roelfs Mansholt (1842-1921)Van betekenis voor Sicco Mansholt is vooral zijn grootvader Derk Roelfs Mansholt geweest. Hij was het op één na oudste kind van het echtpaar Mansholt-Schmidt. Derk Roelfs werd op 29 maart 1842 geboren te Ditzumer Hammrich en bracht zijn jeugd door op de boerderij, die door zijn ouders, zoals reeds vermeld, werd gepacht. Ondanks de beperkte opleidingsmogelijkheden werd Derk Roelfs door zijn ouders gestimuleerd om zich zo breed mogelijk te ontwikkelen en verdiepte hij zich in wis-, natuur-, en scheikunde, geschiedenis en muziek. Niet alleen de puur agrarische zaken hielden hem bezig, ook het ontwikkelen van gedachten over de agrariër en het grondbezit. Het waren gedachten, die hij ook politiek wilde vertalen. In allerlei landbouworganisaties speelde hij een vooraanstaande, vaak leidende rol. Zijn naturalisatie in 1873 betekende, dat hij lid kon worden van de gemeenteraad van Meeden, toen nog een zelfstandige gemeente. Een aantal malen stond hij kandidaat voor het Tweede Kamerlidmaatschap, maar slaagde er niet in te worden verkozen. Wat betreft de puur agrarische zaken moet zeker worden genoemd de deskundigheid op het gebied van de zaaigoedveredeling, die hem samen met zijn broer Jochem Helmers een grote naam bezorgde in de wereld van de zaaigoedveredeling. Zijn brochure over stikstofbemesting, die hij, na uitgebreide proeven, samen met zijn zoon Ubbo Johan in 1893 liet verschijnen, werd bekroond en vond internationale erkenning.
Ferdinand Domela NieuwenhuisGedurende een aantal jaren waren er intensieve contacten met Ferdinand Domela Nieuwenhuis, voor wie hij de voorwaarden schiep om zich in Noord-Nederland te kunnen wijden aan zijn politieke missie. Toch scheidden zich uiteindelijk hun wegen. Terwijl Mansholt moeite kreeg met de koers, die Domela Nieuwenhuis en zijn partij insloegen, ging ook de landbouw en het agrarisch vraagstuk een veel grotere rol spelen in zijn denken. Voor hem was de landbouw fundament van de maatschappij. Het sociale vraagstuk stond voor hem gelijk aan het agrarisch vraagstuk. Eerst wanneer het privé-eigendom van de grond zou zijn afgeschaft en alle grond in handen zou komen van de Staat, dan zouden de maatschappelijke misstanden bestreden en opgeheven kunnen worden. De boer als pachter van de Staat. De Nederlandsche Bond voor Landnationalisatie, waarvan hij in 1889 medeoprichter was, zou hiertoe de weg moeten effenen. De landbouwcrisis in het midden van de negentiger jaren van de 19e eeuw veroorzaakte bij Mansholt een verandering in zijn denken. Het ijveren voor landnationalisatie liet hij varen en hij werd voorstander van protectionisme, met name van de graanrechten.
Multatuli (Eduard Douwes Dekker)Een vriendschap, die niet onvermeld mag blijven, is die met Multatuli (Eduard Douwes Dekker, auteur van de Max Havelaar. Dat vriendschappelijk contact ontstond naar aanleiding van een ingezonden stuk van de hand van Derk Roelfs Mansholt in de Nieuwe Rotterdammer Courant van 7 januari 1874 over de Atjeh-oorlog. Multatuli heeft meermalen gelogeerd op de boerderij van Mansholt te Meeden.
Torum
Bij het overlijden van Derk Roelfs in 1921 is Torum publiek verkocht. Onenigheid onder de erfgenamen leidden daartoe.
De graanrepubliekIn zijn boek dat deze titel draagt, schrijft Frank Westerman over zijn contacten met Sicco Mansholt. Op enig moment overhandigde deze een stapeltje schriften aan Frank Westerman. In die schriften is terug te vinden wat de oorsprong was van het "boerensocialisme" van de Mansholts, aldus Sicco Mansholt. Ze waren van de hand van zijn grootvader Derk Roelfs Mansholt en uitingen van diens brede interesse en een grote betrokkenheid. Te noemen zijn o.a. de publicaties: De ontwerp-plannen der Zuiderzeecommissie (1893); De kanalisatie van Westerwolde (1894); De internationale arbeidsverdeling en de prijsvorming van het broodkoren (1896); De stikstofvoeding der landbouwcultuurgewassen (met U.J. Mansholt 1900); De Staatshuishoudkundige Wetenschap en de betekenis van hoge en lage graanprijzen voor de volkswelvaart (1902); De donkere zijde van de Handel (1907) en Het bankroet van de Vrijhandelsleer (1909).
De laarzen in het water herinneren aan het onder water zetten van de Wieringermeer door de bezetter in 1944. Mansholt had daar in die tijd een boerderij en was actief in het verzet. De slipjas is een verwijzing naar hem als eerste minister van Landbouw en Voedselvoorziening na de oorlog. Onder die slipjas is zijn werkjasje herkenbaar. Zo zag hij zichzelf het liefst. De stropdas verwijst naar hem als herenboer. Met de cape wordt zijn eredoctoraat geduid. (2008)
Literatuur
|
|
Laatst aangepast op zaterdag 22 januari 2011 19:02 Heeft u op- of aanmerkingen over bovenstaand artikel? Uw reactie wordt op prijs gesteld. |