Christelijke grafsymboliek

op . Gepost in Christelijk

Anker: Symbool van de hoop, ontleend aan Hebreeën 6:19 "De hoop is het veilige en vaste anker van onze ziel".  In de vroeg-christelijke tijd werd het door zijn kruisvorm een verkapt symbool van de verlossing ('crux dissimulata'). De dwarsbalk ('stok') onder de ring voor het ankertouw wekte de indruk van een kruis, dat door de onderste delen van het anker verhuld werd. In de christelijke grafsculptuur wordt het anker vaak door vissen of dolfijnen geflankeerd. (Afgebeeld in combinatie met hart en kruis, staat het symbool voor geloof, hoop en liefde.)

Boek of Bijbel: Een boek op een graf verwijst meestal naar de bijbel. Als het boek des levens is de bijbel een vaak voorkomend symbool op de graven van dominees. Vaak is het boek in zijn geheel afgebeeld, soms op een lessenaar gelegen. Soms wordt er ook een enkele bladzijde afgebeeld, met psalmtekst of grafschrift. Een vouw in een bladzijde of een boeklegger geeft meestal aan dat de persoon plotseling is overleden.

Brood of hostie: Verwijzing naar het lichaam van Christus en het Brood des Levens, de Eucharistie of het Avondmaal.

Christus: Jezus, de Verlosser de Messias, de zoon van God.

Ei: Symbool van geboorte en nieuw leven. In christelijke kring is er de gelijkenis van de uit het graf verrijzende Christus met het kuiken dat uit de schaal kruipt; de witte kleur van de schaal symboliseert zuiverheid en volmaaktheid. Rond het ei bestaan veel gebruiken die op symboliek berusten, zoals het paasei, een voorjaarssymbool als teken van de ontwakende vruchtbare natuur, maar ook in verband met de genoemde gelijkenis van de opstanding. Ook werd het de dode meegegeven in het graf als sterkend voedsel voor de reis naar het hiernamaals.

Glas: Het doorzichtige glas is symbool van zondeloosheid en van reinheid. Het is zodoende een Mariasymbool.

Hart: Naast het kruis is het hart misschien wel het meest gebruikte symbool ter wereld. De betekenis van het hart als symbool verschilt per cultuur. In het westen symboliseert het hart voornamelijk de religieuze- en wereldlijke liefde, denk aan een hart met doornen of een valentijnshart. In het Oosten wordt het voornamelijk geassocieerd met intelligentie en wijsheid.

In de christelijke symboliek verwijst het hart in het algemeen naar Jezus (‘het heilige hart van Jezus’) en vindt men het terug in de geopende borstkas met daarin een hart met een vlam. Er zijn ook harten met een doornenkroon of omringd door zonnestralen. (Een met doornen gekroond hart is het embleem van de Jezuïeten).

In de bijbel is het hart de 'innerlijke mens': "Maar Jahwe zei tot Samuël: 'Ga niet af op zijn of zijn rijzige gestalte: hem wil ik niet. Want God ziet niet zoals een mens ziet; een mens kijkt naar het uiterlijk, maar Jahwe naar het hart." (1 Samuël 16:7). In het Nieuwe Testament bidt Paulus tot God: "moge Hij u in zijn onmetelijke heerlijkheid geven dat uw diepste wezen machtig door zijn Geest wordt gesterkt, dat Christus door het geloof woont in uw hart en dat gij in de liefde geworteld en gegrondvest blijft." (Efeziërs 3:16-17).

In het funeraire gebruik komt het hart op menig grafsteen voor als symbool. Uiteraard als valentijnshart, als algemeen symbool voor de liefde en huwelijk, maar ook in combinatie met het Anker en Kruis welke samen staan voor de voornaamste christelijke deugden: geloof, hoop en liefde. Tevens symboliseert het de band met Christus. Een brandend hart verwijst naar religieuze bezieling.

Kroon met kruis op palmtakken: Symbool van de koninklijke waardigheid van Christus. De palmtakken zijn een verwijzing naar de intocht in Jeruzalem

Kruis of Crucifix: Voordat het kruis een christelijk symbool werd, was het al een universeel teken van verzoening, de synthese tussen hemel en aarde en de vier windrichtingen. Als christelijk symbool wordt het in verschillende vormen aangetroffen. Het latijnse kruis komt het meest voor. Vaak is het kruis ook de basisvorm van een rooms-katholieke begraafplaats.
Bij het Griekse kruis zijn de vier armen gelijk van lengte. Afkomstig van de heidenen, waar de armen de vier elementen representeren: aarde, lucht, vuur en water.
Het Calvariekruis is een Latijns kruis op drie blokken of treden. Het staat voor trouw, hoop en liefde. Soms wordt liefde vervangen door naastenliefde.
Bij een gotisch kruis symboliseren de open uiteinden van de armen de volwassen christen
Bij een Keltisch kruis symboliseert de cirkel rond het centrum van het kruis eeuwigheid.
Een Ionisch kruis symboliseert eeuwige verlossing en heerlijkheid. Evenals bij het Keltisch kruis lopen de uiteinden van de armen naar buiten.
Een Slavisch kruis is afkomstig van de orthodoxe Russische en Griekse religie's. De bovenste arm van het kruis staat voor de inscriptie boven het hoofd van Christus. De onderste, schuine, arm staat voor de voetsteun van de gekruisigde Jezus. Een mogelijk ander betekenis is dat de bovenste arm de plek voorstelt waar het plakkaat met de tekst IC XC is geplaatst, terwijl de onderste schuine arm zou wijzen naar de twee misdadigers die naast Christus zijn gekruisigd. De opgeheven arm richting de misdadiger die berouw toonde en aan wie Christus het eeuwige leven beloofde.
Een Botonee-kruis is genoemd naar de klavervormige uiteinden van de armen van het kruis. het kruis representeert de drieëenheid.

Miskelk
: Het traditioneel vaatwerk, gewoonlijk van goud of zilver, waarin bij de eucharistie de wijn wordt geconsacreerd. De miskelk is, vooral samen met de hostie (het geconsacreerde brood), het symbool van het christelijk geloof. De miskelk, vaak met hostie, wordt vrijwel uitsluitend op priestergraven uitgebeeld.

Stralenkrans of nimbus: In de religieuze kunst een ring van licht om het hoofd van goddelijke of als heilig beschouwde personen. De nimbus kan verschillende vormen aannemen. De kruisvormige nimbus is gewoonlijk het attribuut van Christus. Een driehoekige nimbus, het symbool van de Drie-eenheid, hoort bij God de Vader. Een vierkante nimbus is voor kerkelijke en wereldlijke tijdgenoten, zoals pausen, keizers en stichters. De bekende cirkelvormige stralenkrans hoort in het bijzonder bij Maria, bij engelen en heiligen.

Vuur: In de christelijke traditie heeft vuur een positieve- en negatieve lading. Positief omdat het bezieling symboliseert en de Heilige Geest, in de gedaante van vlammentongen bij het eerste Pinksterfeest over de apostelen uitgestort. "Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette. Zij werden vervuld van de heilige Geest" (Handelingen 2:3-4). Negatief door de verwijzing naar het eeuwig brandende hellevuur. In het algemeen kan het symbool vuur gezien als een teken van overgang, transformatie, opstanding of reiniging. Dat laatste heeft bijvoorbeeld een afschrikwekkend voorbeeld in de verbranding van heksen in de Middeleeuwen. Mogelijk werd in de oudste culturen vuur gezien als een incarnatie van de zon, die dan vaak nog wordt gezien als een god. In het boeddhisme is een pilaar van vuur een symbool van de Boeddha en kan vuur als verlichting een metafoor zijn voor wijsheid.

Vuur is in verschillende vormen terug te vinden in de funeraire symboliek. Er is de uitdovende toorts, als teken voor het einde van het leven, en is er bijvoorbeeld ook de brandende olielamp, als symbool van het eeuwige licht, verwijzend naar de eeuwigheid en de onsterfelijkheid. Wanneer er rook te zien is bij de lamp, kan dat gezien worden als een opstijgingssymbool van een gezuiverde ziel. Vuur is ook terug te vinden in grafsymboliek bij de vogel feniks die uit zijn as herrijst. Een wedergeboorte.

Beeldbank

Tijdelijk niet beschikbaar

  • Begraafplaatsen
  • WO II
  • Crematoria

 

Foreign section