Fauna

op . Gepost in Fauna

Adelaar: Symbool van Christus omdat hij recht de zon tegemoet vliegt net zoals Christus, bij zijn hemelvaart, recht omhoog naar het licht was gegaan. Hij is het attribuut van Johannes de Evangelist en is één van de vier 'apocalyptische dieren'. "En rondom de troon waren vier dieren, bezaaid met ogen voor en achter. En het eerste dier geleek op een leeuw en het tweede op een jonge stier, en het derde dier had het gelaat als van een mens en het vierde dier geleek op een adelaar in zijn vlucht." (Apocalyps 4,6-7).

Aesculaap: De esculaap of aesculaap is een oud Grieks symbool dat staat voor de geneeskunde. Het symbool bestaat uit een staf waarom zich een slang slingert. De slang staat in de esculaap symbool voor de genezing, omdat dit dier zijn huid kan afwerpen, hetgeen staat voor herboren worden en genezing, maar ook door zijn beet de dood kan brengen.

Duif: Het christelijke symbool van de Heilige Geest. "Nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij terstond uit het water. En zie, daar ging de hemel open en Hij zag de Geest Gods neerdalen in de vorm van een duif en over zich komen." (Matteüs 3, 16). "Ik heb de Geest als een duif uit de hemel zien neerdalen en Hij bleef op Hem rusten." (Joh. 1, 32). In de oudheid symboliseerde dit dier de ziel, ook bij niet-christenen. Wel typisch christelijk was een duif met een tak in de bek: zij herinnerde aan de duif die door Noach werd uitgestuurd om te onderzoeken of de aarde al droogviel, en die met een takje terugkwam als bewijs dat God de mensen niet in de steek had gelaten. (Genesis 8, 10-11). Zo werd de duif symbool van de goede tijding en de vrede. Zittend op de grafsteen symboliseert een duif de ziel van de overledene, die krachten verzamelt voor zijn reis naar de hemel.

Feniks (phoenix): Deze mythische vogel werd zeer oud, volgens sommigen vijfhonderd jaar, en verbrandde zichzelf tenslotte op een altaar. Uit de as verrees dan een nieuwe, jonge Feniks. De vroege christenen namen de feniks over als symbool van Christus' opstanding. In de middeleeuwen werd hij algemeen in verband gebracht met de Kruisiging.

Hond: Symbool van trouw, waakzaamheid en huiselijkheid. Meestal ligt de hond aan de voeten van de dode, soms ziet men een staande hond.

Lam: Het offerdier in de godsdiensten van het oude Nabije Oosten en door de vroege christenen overgenomen als het symbool van de zich opofferende Christus. Het lam als Christussymbool wordt gewettigd door het feit dat Johannes de Doper Christus als het Lam Gods (Agnus Dei) betitelt. (Joh. 1:29). Het lam, afgebeeld met kruis en nimbus is het symbool van de offerdood van Christus. Symbool van reinheid en onschuld.

Leeuw: In de middeleeuwen was de leeuw een symbool van de Opstanding, omdat volgens de bestiaria (middeleeuwse beschrijvingen van dieren, gebaseerd op geschriften uit de oudheid) de welpen na hun geboorte drie dagen dood lagen, totdat hun vader hen tot leven bracht door ze in het gezicht te ademen. De gevleugelde leeuw, een apocalyptisch dier, symboliseert de evangelist Marcus. "En rondom de troon waren vier dieren, bezaaid met ogen voor en achter. En het eerste dier geleek op een leeuw en het tweede op een jonge stier, en het derde dier had het gelaat als van een mens en het vierde dier geleek op een adelaar in zijn vlucht." (Apocalyps 4,6-7). In de Europese heraldiek is de leeuw het wapendier dat naast de adelaar het meest voorkomt. Omdat de leeuw als 'koning der dieren' krijgshaftigheid en macht belichaamt, werd hij in de middeleeuwen dikwijls in wapens opgenomen. Bij middeleeuwse grafmonumenten is de leeuw vaak te zien aan de voeten van de ridder, die op zijn rug liggend is afgebeeld.

Pauw: Vanwege het oude geloof dat het vlees van deze vogel nooit verging, werd de pauw een christelijk symbool van onsterfelijkheid en van Christus' opstanding. Twee pauwen die uit één kelk drinken verwijzen naar de geestelijke wedergeboorte.

Pelikaan: Het motief van de pelikaan die zich de borst doorboort om met zijn bloed zijn jongen te voeden, werd het symbool van Christus' zelfopoffering aan het kruis. De pelikaan symboliseert ook de Opstanding, omdat zij volgens een legende haar jongen uit liefde dooddrukte en vervolgens weer tot leven wekte met haar eigen bloed.

Slang (serpent): Symbool van het kwaad en een bijbels synoniem van Satan, 'de oude slang'. De slang vinden we ook terug aan de voet van het kruis. Het is een verwijzing naar de slang uit het paradijs die volgens de christelijke leer de mens in het verderf had gestort, een vloek die pas door de kruisdood van Christus werd opgeheven. Soms werden behalve de slang ook Adam en Eva afgebeeld waardoor de samenhang nog duidelijker werd.

In de funeraire betekenis vinden we de positieve symboliek van de slang terug op grafmonumenten, maar ook op poortgebouwen bij begraafplaatsen. Een veel voorkomend beeld is de staartbijtende slang, de ouroboros. De slang is hier alpha en omega, het begin en het einde. Zij wijst op de begrenzing, op het feit dat alles besloten is binnen de macht van God, en op de oneindigheid. Op grafmonumenten van artsen is soms de genezende slang terug te zien in de vorm van een esculaap. Het is een oud Grieks, en voor-christelijk, symbool dat staat voor de geneeskunde. Het symbool bestaat uit een staf waar zich een slang omheen wikkelt. Het woord esculaap verwijst naar de Griekse god van de geneeskunde, Asklepios.

Stier (os): Is één van de vier 'apocalyptische dieren' en symbool van de evangelist Lucas.

Uil: De uil gold al in het oude Egypte en Indië als dodenvogel. Voor de Grieken was de uil het attribuut van de godin Pallas Athene en daarmee het symbool van (Athene's) wijsheid. De christelijke betekenis werd, omdat de uil een nachtdier is, een symbool van degenen die de duisternis liefhebben (ongelovigen, ketters en wereldwijzen) of, omdat de uil kan zien in de duisternis, een symbool van de gelouterde ziel.

Vis: Symbool van Christus omdat de beginletters van het Griekse woord voor vis, ICHTHUS, geïnterpreteerd werden als Iesous CHristos THeou (h)Uios Soter (Jezus Christus, Zoon van God en Verlosser). Ook een zeer vroeg symbool van de christelijke doop. Gelovigen werden pisciculi, visjes, genoemd; de vont is de piscina, letterlijk een visvijver.

Vleermuis: Is een attribuut van de gepersonifieerde nacht. De vleermuis wordt gezien als een demonisch dier en staat voor duivel, kwaad, nacht en dood.

Vlinder: Symbool van de onsterfelijke ziel. Voor christenen is de dood de overgangVlinder naar een beter leven, de verplaatsing uit dit aardse tranendal naar het hemelrijk. De vlinder staat ook symbool voor de drie stadia die de menselijke ziel doorloopt: leven, dood en wederopstanding. Daarnaast staat de vlinder ook voor de kortstondigheid van het aardse leven.

Vogel: In het algemeen zijn vogels symbool van het bovenaardse, het nauwelijks bereikbare en van de vrijheid waarnaar de ziel streeft. Sommige vogels worden ook gezien als doodsboden, bijvoorbeeld de kraai.

Beeldbank

Tijdelijk niet beschikbaar

  • Begraafplaatsen
  • WO II
  • Crematoria

 

Foreign section