|
door Nicolaas Beets
|
|
Ten vuren, ten vuren Met vrouwen kroost, al klinkt het ruw! ’t Is goed voor u, Dan kunje langer duren; Wel eens zoo lang als nu.
De lijken, de lijken Ontvolkten veel te lang het land ’t Is zonde en schand Dat zal statistisch blijken, Zoodra men ze verbrandt.
Naar d’oven, naar d’oven! Die ’t lijk verbrandt, verbrandt den Dood, Den stervensnood, En brengt het leven boven? Voorwaar! onze eeuw is groot!
|