|
door Marten Mulder
|
|
Bij de stèles van het echtpaar Van der Molen-Hofstede. Van de middeleeuwse kruiskerk resteert slechts het transept en het rechtgesloten koor. Op het kerkhof heeft men de contouren van het imposante kerkgebouw aangebracht. Zelf bezit het kerkhof een schat aan grafpoëzie. Veel van de stèles zijn rijkelijk voorzien van grafsymboliek en met de poëzie duiden ze op een zekere welstand bij enkele lagen van de bevolking. Sommige van de gedichten vallen op door hun lengte, zoals die van het echtpaar Van der Molen-Hofstede. Gedichten die ook opvallen door de liefde en de genegenheid, die er uit spreekt. Op de stèle van zijn echtgenote liet Van der Molen het volgende grafdicht aanbrengen:
Hier rust in ’t aardrijks koelen schoot Mijn trouwe lieve Echtgenoot Haar kinderen trouwe Moeder. Hulpvaardig blij en welgezind Was zij bij velen regt bemind Der armoe trouwe Voeder. Haar stoflijk deel hoe zwak ook ’t waar, Was mij gelijk een steunpilaar Bij ’t klimmen mijner dagen Hij wiens bestuur d’ alwijsheid is Doe ’t onherstelbaar droef gemis Met lijdzaamheid mij dragen. En eens in zaal’ge Eeuwigheen Mij met mij dierbre weer vereen.
Toen hij zelf, na een smartelijk lijden, overleed wijdden de kinderen aan ook hem een grafdicht:
Immer vlijtig Immer werkzaam Voor zijn nakroost en huisgezin, Ging hij na een smartvol lijden De eeuwige ruste in. Rust dierbre vader zacht Tot God u doet ontwaken, Die u met liefde en trouw In ’t leven bleef genaken En schenke als liefdeblijk U eens het Hemelrijk.
|
Laatst aangepast op donderdag 01 juli 2010 18:37
Heeft u op- of aanmerkingen over bovenstaand artikel? Uw reactie wordt op prijs gesteld. |