Verhalen achter grafmonumenten

Den Haag – Een Nederlandse vrouw in een Engels graf

 

Den Haag kent meerdere begraafplaatsen waar slachtoffers uit de Eerste Wereldoorlog hun laatste rustplaats hebben. Op een steenworp afstand van de gemeentelijke begraafplaats Kerkhoflaan waar 55 slachtoffers liggen begraven, bevindt zich de katholieke begraafplaats St. Petrus Banden. Hier liggen drie Britse slachtoffers uit de Eerste Wereldoorlog.

De drie oorlogsgraven met rechts dat van Paulina French op Sint Petrus Banden (foto Willem Donck).Gesitueerd op het centrale deel van de begraafplaats liggen de graven wat verscholen tussen de struiken. De stèles op de graven zijn niet van het gebruikelijke witte Portland, maar van het grijze hardsteen. De grafmonumenten zijn voorzien van de emblemen van de eenheden waartoe de mannen behoorden. Hier liggen ‘serjeant’ Dolan (34 jaar, overleden 13 mei 1918), ‘lance serjeant’ Diprose (33 jaar, overleden 29 september 1918) en ‘serjeant’ Roberts (39 jaar, overleden 15 november 1918). Het zijn militairen die zijn overleden aan ziekte tijdens hun internering in Nederland. De laatste twee zijn mogelijk gestorven aan de Spaanse griep die toen heerste. Maar de aandacht wordt getrokken door een vierde hardstenen stèle die in dezelfde rij is geplaatst. De stèle is voorzien van een eenvoudig kruis en het opschrift luidt:

“Paulina C. French, Wife of Serjt. W. French. Suffolk Regiment, 7 th December 1919”.

De stèle voor Paulina (foto Leon Bok)Diverse vragen dringen zich op: wie was deze Paulina French? Hoe is zij overleden en waarom is ze, als burger, op deze plek naast de drie militairen begraven? En wie is sergeant W. French? Wie denkt dat Paulina French een Britse dame was die haar man achterna is gereisd naar Nederland en nu ver van huis begraven is, vergist zich. Paulina French is dichter bij huis dan het opschrift van de stèle doet vermoeden.

Paulina Catharina French werd op 13 november 1899 geboren als Paulina Catharina Jongmans. Zij was de jongste uit een gezin van vier kinderen, geboren en getogen op Scheveningen en ze groeide op in de Vijzelstraat. Paulina was 18 jaar toen ze ergens tussen januari en november 1918 de in Den Haag of Scheveningen geïnterneerde 28-jarige Britse militair Maurice French leerde kennen. Maurice was een van de circa 4.800 Britse militairen die in de regio Den Haag geïnterneerd waren. De twee kregen een liefdesrelatie.

Portretfoto van Maurice French (foto Europeana)Sergeant W. French is dus Maurice French. Hij werd geboren op 23 mei 1890 in Cambridge, alhoewel er ook bronnen bestaan die 17 februari als geboortedatum vermelden. Maurice was in januari 1909 beroepsmilitair geworden en had de rang van sergeant bij het 2nd Suffolk Infantry Regiment. Hij was een Old Contemptible, de naam die soldaten gaven aan hen die nog hadden gevochten met het reguliere leger in de eerste oorlogsdagen van 1914. French had onder meer deelgenomen aan de slag bij Mons, eind augustus. Bij de terugtrekking richting de Marne werd Maurice tijdens gevechten bij Le Cateau op 26 augustus 1914 met de restanten van zijn eenheid volledig omsingeld door Duitse troepen en moest hij zich overgeven. Hij werd krijgsgevangen gemaakt en gedurende de oorlog gedetineerd in achtereenvolgens Kamp Doeberitz, Kamp Dyrotz, Kamp Cottbus I en Kamp Hameln. Op 5 januari 1918 werd hij overgebracht naar Nederland en geïnterneerd in de regio Den Haag.

Dat de liefde tussen Maurice en Paulina serieus was, bleek wel toen zij zich op 13 november 1918 bij de burgerlijke stand van Den Haag vervoegden en hun voornemen bekend maakten in het huwelijk te willen treden. De voorgenomen huwelijksdatum was 27 november 1918. Maar op de huwelijksdag kwamen de echtelieden in spe niet opdagen. Wat bleek: Maurice French was op 18 november 1918 vertrokken naar Engeland aan boord van de S.S. Willochra. In het huwelijksregister is door de akte een streep gehaald.

Lang duurde de scheiding van de geliefden echter niet; Maurice keerde kort na zijn repatriëring weer terug naar Nederland en op 29 januari 1919 trouwden Maurice en Paulina alsnog in Den Haag. De broers van Paulina traden op als getuige. Maurice was inmiddels als militair werkzaam op de Britse Legatie aan het Westeinde in Den Haag en belast met de beveiliging. Maurice en Paulina trokken in bij de ouders van Paulina aan de Vijzelstraat op Scheveningen. Het liefdesgeluk werd al snel bekroond met de geboorte van een zoon genaamd John Charles Maurice op 20 november 1919.

Het geluk was echter van korte duur, want op 7 december 1919, twee en een halve week na de geboorte van haar zoon, overleed de dan 20-jarige Paulina. Op 11 december 1919 werd zij (vermoedelijk als gevolg van haar huwelijk met een Brits ambassademedewerker) bijgezet in het graf op de Katholieke begraafplaats St. Petrus Banden naast de drie reeds bestaande geallieerde graven. Die graven waren in 1918 aangekocht door Sir Walther Beaupre Townley, buitengewoon gezant op de Britse legatie in Nederland. Paulina French kwam daarmee bij de drie in 1918 overleden militairen Dolan, Diprose en Roberts te liggen. De Haagse firma Keuzenkamp leverde in 1929 de hardstenen stèle. In een brief wordt aangegeven hoe de tekst moet luiden en kennelijk heeft niemand goed gelet op de tekst omdat M. French nu op de steen staat als W. French. Waarschijnlijk is dit een fout, want deze voorletter komt verder nergens voor. In 1950 ging het graf over in handen van de Imperial War Graves Commission. Het graf van Paulina Catharina French-Jongmans werd vervolgens aangemerkt als een “Non war grave in CWGC care”.

Epiloog

Maurice French op hoge leeftijd met zijn medailles opgespeld (Banbury Focus 16 november 1972)Maurice French bleef met zijn zoontje tot 1922 inwonen bij zijn schoonouders. In april 1922 trouwde hij met Elsie Henze, een 25-jarige vrouw met Brits-Duitse roots. In 1923 werd hun dochtertje geboren. Maar het lot was Maurice niet gunstig gezind; in 1931 overleed Elsie en stond Maurice er wederom alleen voor. In 1936 trouwde Maurice voor de derde keer, ditmaal met de jongere zus van Elsie, Wilhelmina Henze. Met Wilhelmina kreeg hij in 1941 een dochter.

Maurice werkte tot het begin van de Tweede Wereldoorlog op de Britse ambassade en was woonachtig in Den Haag. Hij vertrok aan het begin van de oorlog naar Groot-Brittannië. Tot 1952 bleef hij werkzaam bij het Britse Ministerie van Buitenlandse zaken. Maurice French overleed in september 1976 op 86-jarige leeftijd.

 

Header: Momentopname van jonge vrouwen en enkele Engelse soldaten in Scheveningen, uit een film van het Imperial War Museum over het leven van geinterneerde Britse soldaten in Nederland in 1918. bekijk video © IWM (IWM 455).

 

Bronvermelding 

 


© 2021 Stichting Dodenakkers.nl | Alle rechten voorbehouden.Website ontwikkeld door Webcase.