Grafmonumenten

Gorinchem - Het graf van Jo Mussert

 

* Werkendam, 2 december 1880 – † Gorinchem, 14 mei 1940

De naam Mussert is onlosmakelijk verbonden met de Tweede Wereldoorlog en de daaraan voorafgaande jaren. Maar dan komt vaak eerst de naam Anton in gedachten, de oprichter van de Nationaal Socialistische Beweging (NSB), en niet die van zijn oudere broer Jo. Die speelde in de Tweede Wereldoorlog een betrekkelijk korte, maar heftige rol. Hij werd namelijk op 14 mei 1940 gearresteerd vanwege hoogverraad. Bij zijn arrestatie vond hij de dood.

De gebeurtenissen in de meidagen van 1940 zijn nog steeds omstreden. Sommigen stellen dat de dood van Mussert te wijten is aan zijn incompetente houding in de voorafgaande dagen, anderen stellen dat hij slachtoffer is geworden van de paniek die Nederland in zijn greep had en weer anderen dat Mussert de kop van Jut was die moest bloeden voor de fouten van zijn officieren. Hoe het ook zij, Josephus Adrianus Mussert had het in 1940 gebracht tot de rang van luitenant-kolonel en was aangesteld als depot- en kantonnementscommandant van Dordrecht.

Josephus Adrianus Mussert

Over de afkomst en de familie van Jo Mussert is veel geschreven. Zo zijn tot in detail de geestesgesteldheid van vader Joannes Leonardus Mussert (1856 – 1913) en diens zoons Jo en Anton terug te lezen. De geschiedenis leert dat Jo in 1880 werd geboren in Werkendam, waar zijn vader het jaar daarvoor was aangesteld als schoolhoofd op de Openbare Lagere School. Hoewel van katholieken huize speelde het geloof geen grote rol, gezien ook de protestantse herkomst van moeder Frederika Witlam (1856-1934). Jo was de oudste zoon en na hem volgden nog vier broers en drie zussen. Niet alle kinderen overleefden de eerste levensjaren, zodat het gezin rond de tijd dat Jo 20 jaar oud was, bestond uit vijf kinderen. Jo werd aanvaard als cadet aan de Koninklijke Militaire Academie in Breda. Jo rondde de academie met goed gevolg af en werd nadien beëdigd tot 2e luitenant der artillerie. Hij werd aangesteld bij het korps pontonniers en torpedisten, gevestigd in Gorinchem. In augustus 1915 trouwde Jo in Haarlem met de 20-jarige Theodora (Dora) Cornelia Maria van der Kaaij. Het echtpaar kreeg in oktober 1917 hun eerste kind, Dirk.De stèle op het graf van Mussert bevat de namen van drie jong gestorven kinderen. In de jaren daarna volgden nog zes kinderen, maar mogelijk waren er nog twee kinderen. Teleurstellingen en verdriet waren het gezin niet vreemd. In 1927 stierven binnen korte tijd twee kinderen, de 7 maanden oude Con en een goede week later de 6-jarige Loke. In 1938 verloor het gezin nog een kind, de vijftienjarige Free. Alle drie de jong overleden kinderen werden begraven op de algemene begraafplaats van Gorinchem, op vak B, een uitbreiding van de eerste klasse.

Het gezin had de hulp van een kinderjuffrouw, werkmeisje en een zogenaamd tweede meisje, zoals blijkt uit verschillende wervingsadvertenties in de kranten uit de jaren twintig. Dora liet zichzelf mevrouw kapitein Mussert noemen in een van de advertenties.

Carrière

Jo Mussert groeide binnen het kleine onderdeel van de pontonniers en torpedisten uit tot een belangrijke officier die veel kennis bezat. Hij was dan jarenlang de instructeur van zijn korps. Overigens was Mussert binnen zijn korps de enige beroepsofficier in de hogere rangen die afkomstig was uit eigen gelederen. Promotie zat er binnen dat onderdeel nauwelijks in. Als kapitein kwam hij met enige regelmaat in het nieuws, bijvoorbeeld wanneer hij met zijn onderdeel hulp had geboden bij watersnood in het Land van Maas en Waal (1926) of ijsdammen in de Merwede (1929). Daarbij bleek Mussert wel gevoel te hebben voor publiciteit, zoals blijkt uit het feit dat hij een journalist toeliet een explosief tot springen te laten brengen in de ijsdammen. Overdracht van het commando bij het Korps Pontonniers door kolonel Valliant (links) aan overste Mussert (rechts) bij de oude kazerne aan de Buiten Walevest (foto Gemeentelijke Prentenverzameling Dordrecht)In 1937, nadat hij ongeschikt werd bevonden voor velddienst, volgde een overplaatsing naar Dordrecht, waar hij aangesteld werd als Korps- en depotcommandant. Die ongeschiktheid voor velddienst was te wijten aan een operatie die hij had moeten ondergaan aan een niet-kwaadaardige hersentumor. Bij zijn aanstelling in Dordrecht werd hij bevorderd tot luitenant-kolonel, met de aanspreektitel van overste. Daarnaast kreeg hij bij de centrale staf in Den Haag de functie van Hoofd Bureau Bruggen en Veren toegewezen. Uit die laatste functie werd Mussert in maart 1940 ontheven en benoemd tot depotcommandant, c.q. kantonnementscommandant van Dordrecht. De sentimenten die toen reeds in Nederland tegen de naam Mussert waren ontstaan, waren daar mogelijk debet aan. Op een rustige functie, ver van de verwachtte frontlinie zou men met deze Mussert weinig risico lopen. Overigens was Mussert op een gebrek aan loyaliteit niet betrapt, ondanks dat er thuis duidelijke NSB-sympathieën waren bij zijn vrouw Dora. Zelf bleek Mussert zijn eigen broer Anton voor gek te verklaren door de kant van Duitsland te kiezen. Daar kon volgens hem geen goeds van komen en Duitsland zou een eventuele oorlog verliezen.

Midden in het vuur

Die oorlog kwam er. En tegen de verwachting in lag Dordrecht al op 10 mei vol in de frontlinie. In de vroege ochtend werden stellingen van het Nederlandse leger ten zuiden van Dordrecht gebombardeerd en niet lang hierna werden 700 Duitse parachutisten gedropt bij de Moerdijkbruggen. Vervolgens landden ook parachutisten bij de brug bij Dordrecht over de Oude Maas. Daarmee wilden zij de weg voor het Duitse leger vrijmaken om zo op te kunnen trekken naar Rotterdam. Bij de bruggen lagen infanterie- of politietroepen, maar Mussert had in de stad vooral technische mannen ter beschikking die niet voor de komende gevechten geschikt waren. Met de bruggen in handen leken de Duitsers in hun opzet geslaagd, maar er was ook taai verzet tegen zich verplaatsende Duitse troepen, die onder meer in het midden van het Eiland van Dordt waren geland. Toch kon onder druk van de constante aanvallen, het teruglopende moraal en oprakende voedsel en munitie niet overal stand worden gehouden. Toen op 12 mei terrein prijs moest worden gegeven, was Mussert hierin niet gekend. Hij protesteerde hier dan ook sterk tegen, maar hem werd te kennen gegeven dat Dordrecht operationeel niet lang onder hem viel.

Barricaden in de binnenstad van Dordrecht in de meidagen van 1940 (Collectie Gemeentelijke Prentenverzameling Dordrecht).Op 13 mei rukten de Duitsers op tot in Dordrecht. Het leek er toen op dat Mussert Duitse troepen aanzag voor Franse, ondanks waarschuwingen van zijn mannen. Van hogerhand had hij echter vernomen dat de Fransen over de Moerdijkbrug waren. Zo kregen zijn staf en andere soldaten meer en meer het idee dat Mussert op handen was van de Duitsers. Het vertrouwen in hem werd feitelijk opgezegd, maar bij de opperste leiding bleef men Mussert steunen. Die avond liet kolonel Van der Bijl het bevel uitgaan om Dordrecht te ontruimen en over te steken naar Papendrecht en Sliedrecht. Mussert schijnt daarover woest te zijn geworden en hij wilde blijven met zijn troepen, maar na lang aandringen vertrok ook hij naar de overkant. De volgende ochtend bevond Mussert zich in Sliedrecht. Daar liep het wantrouwen van sommige soldaten zo hoog op dat ze besloten Mussert te arresteren. Het kon niet anders, of hij zat achter de nederlaag in Dordrecht. Twee lagere officieren namen het heft in eigen handen en sommeerden een agent van politie met hen mee te gaan voor een arrestatie. Gedrieën drongen ze de kamer binnen waar Mussert overleg had met enkele andere officieren. Toen duidelijk was waar het om ging, zou Mussert hebben geprotesteerd dat hij zich niet liet arresteren door een kapitein. Terwijl hij probeerde overwicht op de zaak te krijgen, was Mussert opgestaan en had hij zich naar de andere officier gedraaid om hem naar zijn naam te vragen. Daarbij liet hij zijn armen zakken waarop kapitein A.J. Kruithof zijn getrokken pistool afvuurde. Vier schoten troffen Mussert. Hij werd hierna naar het ziekenhuis in Gorinchem gebracht, maar een spoedoperatie mocht niet baten. Hij stierf om half elf in de avond.

De begrafenis en daarna

De overlijdensadvertentie voor Mussert in De Standaard van 20 mei 1940.Op zaterdagmiddag 18 mei vond in Gorinchem de begrafenis plaats. Mussert werd met militaire eer begraven op de algemene begraafplaats, ten noorden van de binnenstad. De militaire eer kan mogelijk verklaard worden, doordat op 15 mei de capitulatie had plaatsgevonden en het hoogverraad waarvan Mussert beschuldigd was niet door iedereen zo gezien werd. Op vrijdag had de familie een overlijdensadvertentie geplaatst in de krant.

Niet lang na de capitulatie werd Jo Mussert door generaal Winkelman postuum gerehabiliteerd. Broer Anton deed aangifte van moord. De twee betrokken officieren werden in juni 1940 gearresteerd en pas veel later kregen ze hun straffen te horen: 20 jaar voor de schutter en 10 jaar voor de tweede man. Overlijdensadvertentie die in Het Nationale Dagblad geplaatst werd op 20 mei 1940.Direct na het beëindigen van de oorlog, werden beiden weer op vrije voeten gesteld.

Musserts vrouw Dora ging zich na de dood van haar man nog meer dan voorheen bemoeien met de NSB. Ze werd onder meer kringleidster voor de Nationaal Socialistische Vrouwen-Organisatie in Dordrecht. Met behulp van advocaat Van Vessem (1887-1966) spande ze een rechtszaak aan tegen de staat der Nederlanden in verband met de dood van haar man. Uiteindelijk werd haar 35.000 gulden aan smartengeld toegekend. Velen zag in de handelingen van Dora hun vermoeden bevestigd dat Jo Mussert terecht was gedood. Hoe de in 1940 in levende zijnde kinderen van Jo tegen het verlies van hun vader hebben aangekeken, is weinig bekend. De in 1917 geboren Dirk, stuurman bij de Koninklijke Paketvaart-Maatschappij overleed in Japanse gevangenschap in Ambarawa op Java in juni 1945. Zoon Joan Anton, geboren in 1919, vocht op verdienstelijke wijze in Rotterdam tegen de Duitsers, maar trad later, min of meer gedwongen, toe tot de Waffen SS. Hij heeft de oorlog overleefd, maar bleef in Duitsland wonen. Dochter Mary, geboren in 1920, huwde in de oorlog met een SS’er die niet lang daarna omkwam. Zoon Hans, geboren in 1923 diende ook bij de Waffen SS en werd gevangen genomen door de Russen en kwam pas in 1951 weer vrij. Hij is nadien in Duitsland blijven wonen.

Het grafmonument

Het grafmonument zoals dat vanaf de jaren zestig op de begraafplaats in Gorinchem staat.In 1968 overleed Dora, 73 jaar oud. Toen werd op het graf het huidige monument geplaatst. Of er voordien een monument heeft gestaan, is niet bekend. Het grafmonument is een typisch exemplaar zoals dat in die tijd modern was en bestaat uit een stèle van travertin dat geplaatst is op een rand. De tekst op de steen is uitgevoerd in een moderne schreefloze letter die voor de leesbaarheid met bruine verf is ingekleurd. Bovenaan staat de naam van Jo Mussert en daaronder die van Dora Mussert. Daaronder de drie namen van de jonggestorven kinderen Con, Loke en Free. De rand is verder geheel rondom het graf aangebracht en daarbinnen is de ruimte met een groenige flagstone belegd. Vooraan is een klein graftuintje open gelaten. Na de oorlog werd Jo Mussert door de Oorlogsgravenstichting erkend als oorlogsslachtoffer.

 

Literatuur:

  • Amersfoort, Herman en Kamphuis, Piet (redactie); Mei 1940. De strijd op Nederlands grondgebied, Den Haag 2005
  • Kleingeld, B.D.H., De dood van overste Mussert. Een reconstructie, Haelen 2004

 

Internet: