Grafmonumenten

Gennep - Het oorlogsgraf van Hans Stiemens

 

Op 10 mei 1940 sneuvelde Hans Stiemens op het vliegveld Ypenburg. Stiemens was reserve eerste-luitenant van het derde Bataljon Grenadiers en was afkomstig uit Gennep. Hij vond de dood bij de eerste Duitse aanval in de vroege ochtend van 10 mei nabij het hoofdgebouw van het vliegveld. Hans werd ter plekke in een noodgraf begraven, maar is later begraven in Gennep, op een uitzonderlijke plaats.

Het gezin Stiemens

Johannes Hendrik (Hans) Stiemens werd geboren op 6 februari 1910 in Gennep als zoon van Hendrik Johannes (Han) Stiemens en Maria Magdalena Hopman. Vader Stiemens werd in 1880 geboren in Batavia en is rond 1900 naar Nederland gekomen. In 1905 deed hij zijn artsenexamen en trad hij in het huwelijk. Niet lang daarna is het echtpaar naar Gennep verhuisd. In 1906 werd dochter Tiets geboren en in 1910 aanschouwde zoon Hans het levenslicht. In de jaren daarna leerde de wijde omgeving dokter Stiemens kennen. Menigmaal werd hij om advies gevraagd en ook voor de rechtbank trad hij vaak op als getuige-deskundige. Met enige regelmaat werden verkeersslachtoffers naar zijn huis gebracht waar hij dan eerste hulp verleende. In 1918 zette Stiemens zich in voor de oprichting van sanatorium Maria Oord waar de Zusters van Liefde van Onze Lieve Vrouw, Moeder van Barmhartigheid uit Tilburg de verzorging van de vrouwelijke patiënten op zich namen. Dokter Stiemens werd de geneesheer-directeur. Daarna legde hij zich meer en meer toe op tuberculosepatiënten. In hetzelfde jaar liet hij in Gennep een consultatiebureau voor tuberculose inrichten.

Dokter Stiemens afgebeeld bij een artikel in De Limburgse Illustratie van 17 mei 1930.Moeder Stiemens was ook zeer actief. In 1916 werd ze bestuurslid van de Nederlandsche Kinderbond en in 1927 was ze een van de medeoprichters van de Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Dieren. Voor de kinderbond werd in Gennep een vakantiehuisje ingericht dat onder leiding stond van mevrouw Stiemens. Ze schreef een aantal stichtelijke boeken onder de titels ‘Meisje’ (1923), ‘Vrouw’ (1925) en ‘Jongen’ (1927). Ook schreef ze over haar rol als doktersvrouw. In 1925 richtte het echtpaar Stiemens zich ook op de nazorg van tuberculosepatiënten. In 1926 lieten ze het boekje “Zonlichtheide” verschijnen, geschreven door mevrouw Stiemens. Steeds meer richtte Stiemens zich op het bezighouden van de patiënten door middel van arbeidstherapie. Er werden zelfs tentoonstellingen georganiseerd met het werk van de patiënten dat bestond uit weefwerk, raffiawerk en lampenkappen. De leiding over de arbeidstherapie werd verzorgd door mevrouw Voorbeeld van een advertentie voor een tentoonstelling uit 1929.Stiemens. Ze gaf ook door het hele land voorlichting over de tuberculosebestrijding en de nazorg. Bij zijn 25-jarig jubileum als geneesheer in Gennep maakte Stiemens plannen bekend voor een nieuw gebouw voor de nazorg van patiënten en arbeidstherapie. In 1930 liet het echtpaar ten zuiden van Gennep aan de rijksweg richting Venlo ‘Zonlichtheide’ bouwen. Dit gebouw, ontworpen door de architect ir. Dinger uit Naarden, werd speciaal ingericht voor nazorg van patiënten die nagenoeg genezen waren van tuberculose. Het gebouw werd in mei 1931 in gebruik genomen. Destijds was het grote, rietgedekte huis van verre te zien in het open veld. Nabij werden een aantal jaren later ook zogenaamde zonnehuizen gebouwd naar ontwerp van architect F.J. Hopman. Deze architect was waarschijnlijk een zoon van de schrijver F.J. Hopman, de broer van mevrouw Stiemens.

In juni 1930 was Hans, die toen in Apeldoorn verbleef, geslaagd voor zijn H.B.S.-diploma. Hij kwam na zijn opleiding te werken op Zonlichtheide als administrateur. In 1933 maakte Hans een studiereis door de Sovjet-Unie in verband met het nazorgwerk voor tuberculosepatiënten. Hij publiceerde zijn reisindrukken in de krant en gaf er lezingen over. In de jaren daarna verzorgde Hans ook regelmatig lezingen over Zonlichtheide. Hans trouwde in september 1935 met de Duitse Helene Werner en samen kregen zij op 22 maart 1939 een zoon die ze eveneens Hans noemden. Waarschijnlijk was Hans na zijn dienstplicht toegetreden tot de Reserve. Met ingang van 1 januari 1936 werd hij althans bij het reserve-personeel der Landmacht bij het wapen der infanterie tot reserve 1e luitenant benoemd bij het 15e Regiment Infanterie. In die rang ging hij in 1939 ook de mobilisatie in.

De dood van Hans Stiemens

Foto van Hans met zijn zoontje op schoot, gemaakt op 6 mei 1940.Waarschijnlijk werd Hans Stiemens eind augustus 1939 gemobiliseerd, net als duizenden andere dienstplichtigen. Hoe hij de mobilisatieperiode is doorgekomen, is niet bekend. Op 6 mei 1940 was Hans thuis. Dat weten we van een foto die toen genomen is waarop Hans met zijn zoontje is afgebeeld. Hans draagt op die foto zijn uniform.

In de vroege ochtend van 10 mei 1940 bevond Hans zich op vliegveld Ypenburg, ten oosten van Den Haag. Hij was daar geplaatst als reserve 1e luitenant bij de staf van het 3de Bataljon Grenadiers. Dit bataljon had de opdracht het vliegveld te verdedigen tegen aanvallen. In het hoofdgebouw van het vliegveld had men de commandopost ingericht waar ook Hans zich bevond. Vanaf 04.15 uur begonnen Duitse vliegtuigen het vliegveld te bombarderen. Kort daarna, rond 4.45 uur werden de eerste parachutisten gedropt in de omliggende velden. Toen om half zes ook Duitse transporttoestellen op Ypenburg landden, werd de chaos steeds groter. De toestellen werden zwaar beschoten door Nederlandse troepen en de Duitsers konden geen nieuwe toestellen aan de grond zetten omdat de reeds gelande toestellen in de weg stonden, brandend en al. Ondanks hevig verzet en forse verliezen aan materieel en manschappen aan Duitse kant wisten deze op te trekken richting het hoofdgebouw. Een verhaal stelt dat de Overzicht uit 1993 van het voorplein bij het hoofdgebouw waar Hans sneuvelde (foto Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)Duitsers gooiend met handgranaten het gebouw bestormden, terwijl een ander verhaal melding maakt van het gebruik van krijgsgevangen gemaakte Nederlandse militairen als buffer bij het oprukken naar het hoofdgebouw [1]. Tijdens die bestorming is Hans om het leven gekomen. Hij zou op dat moment op het voorplein zijn geweest. Kort daarna gaf de commandant van het vliegveld majoor Ten Haaf zich over. Hierop hesen de aanvallers de Duitse vlag als teken van overwinning. Veel verder kwamen de Duitsers echter niet, want ze werden vastgepind door Nederlandse troepen die Den Haag uit handen van de vijand wisten te houden. Nog in de avond van de 10de mei kregen Nederlandse troepen het vliegveld weer in handen. De trieste balans van de slag om Ypenburg was 95 doden aan Nederlandse zijde. De meeste doden waren haastig en in het heetst van de strijd begraven. In de dagen daarna werden nog kleine plukjes zich verschuilende Duitsers gevangen genomen en werd een begin gemaakt met het bergen van de doden en het opruimen van het puin. Op de landingsbanen liet men de resten van de stukgeschoten vliegtuigen liggen om nieuwe landingen te verhinderen. Na het bombardement op Rotterdam op 14 mei gaf het Nederlandse leger zich over.

Op 23 mei werd een Duitse 1e luitenant gemachtigd een blauwe Opel Olympia met kenteken P25915 af te slepen van Ypenburg. Deze auto, zo staat in de machtiging te lezen, bleek van Hans te zijn. Hans is zeker na 6 mei met deze auto naar Ypenburg gereden.

Twee keer begraven.

in het Algemeen Handelsblad van 24 mei 1940 plaatste de familie een overlijdensadvertentie voor Hans.In eerste instantie werd Stiemens in een noodgraf bij Ypenburg begraven, maar in juli liet de familie het stoffelijk overschot overbrengen naar Gennep. Daar was voor Stiemens geen graf gereserveerd op de katholieke begraafplaats, maar bij het sanatorium waar hij werkte en zijn vader geneesheer-directeur was. Op zaterdag 13 juli 1940 vond de bijzetting plaats. De familie had deze plaats gekozen omdat de plek hun zoon dierbaar was. Het was de bedoeling hem hier hulde te brengen door het bouwen van een gedachtenishuisje. Een huisje met bloemen versierd, waarin alleen zijn vrouw en moeder toegang zouden hebben. Bij de herbegrafenis waren vele belangstellenden aanwezig. Verschillende sprekers roemden de inzet van Hans in zijn laatste uren. Zo sprak de bataljonscommandant als een vriend over hem. Namens de gemeente voerde wethouder Steinmann het woord en betuigde zijn deelneming. Er was ook een Duitse officier aanwezig die namens de Duitse weermacht eer wilde betonen aan deze ‘dapperen tegenstander’. Bij het graf werd een met de Duitse kleuren versierde krans Deze foto van de begrafenis stond op 17 juli in het Limburgs Dagblad.neergelegd. Bij het neerlaten van de kist werd een begrafenismars gespeeld. Er werden, naast de krans van de Duitse weermacht, talloze kransen geplaatst waaruit bleek hoezeer Hans in het volle leven stond en hoe zeer hij geliefd werd.

Op het graf, destijds nog in een redelijk kale omgeving, werd een rode granieten zerk geplaatst met daarop een tekst met losse letters. De tekst luidt als volgt: JOHANNES HENDRIK STIEMENS/RES. 1 STE LUIT. ADJ./3 DE BAT. REGIMENT GRENADIERS/ADMINISTRATEUR SANATORIUM ZONLICHTHEIDE/ GEBOREN TE GENNEP 6 FEBRUARI 1910/GEVALLEN OP HET VLIEGVELD YPENBURG 10 MEI 1940/EEN OPEN OOG/EEN WARM HART/EN GOEDE WIL.

De rode granieten zerk op het graf van Hans Stiemens.Een ster en een halvemaan zijn ook nog op de zerk te vinden. Bovenaan is een ronde holte in de steen opgenomen als drinkbakje voor de vogels. Bij een bezoek aan het graf nam de moeder van Hans altijd een fles water mee om deze holte te vullen met water.

In het najaar van 1944 woonden de ouders van Hans met familie en patiënten noodgedwongen in de kelders van Zonlichtheide. In december 1944 werden ze geëvacueerd naar Winterswijk. Van het dagelijks leven heeft Hans’ moeder een dagboek bijgehouden.

Na de oorlog

Het sanatorium Maria-Oord was bij de bevrijding zo zwaar beschadigd dat er na de oorlog alleen een puinhoop te vinden was. Het sanatorium werd niet meer herbouwd. Wel werd een nieuw sanatorium gebouwd in de buurt van Rosmalen. Zonlichtheide werd in 1947 pas weer geopend, maar zou na het overlijden van dokter Stiemens gesloten worden. In 1957 trok de Augustinusstichting in de gebouwen en zette het gebruik van de gebouwen en de Zonnehuizen voort.

Het Bronzen Kruis dat postuum aan Hans werd toegekend wordt nog steeds gekoesterd in de familie.Op 6 mei 1946 werd Hans uit naam van koningin Wilhelmina postuum onderscheiden met het Bronzen Kruis. Het Bronzen Kruis is op 11 juni 1940 door de regering in Ballingschap ingesteld en wordt toegekend aan militairen die zich door moedig of beleidvol optreden tegenover de vijand hebben onderscheiden. De onderscheiding werd specifiek aan Hans toegekend voor de moedige rol die hij speelde bij de verdediging van de commandopost in de kelders van het hoofdgebouw. Enkele dagen later ontving de weduwe van Hans een getypte brief, ondertekend door Wilhelmina, waarin ze haar deelneming betuigde bij het verlies van haar man.

Hans’ vader overleed in 1955, net een dag voordat hij zijn 50-jarig jubileum zou vieren als arts. Dokter Stiemens werd 75 jaar. In Gennep, niet ver van Zonlichtheide, is in de jaren zeventig van de vorige eeuw een weg vernoemd naar de arts. De vrouw van Hans hertrouwde in 1959 met Adriaan van Macklenbergh, die van 1951 tot 1961 burgemeester was van de Limburgse gemeente Bergen.

De begraafplaats

Zus van Hans bij de graven van Hans en haar ouders, samen met zoon Niels in 1975 (familiefoto gemaakt door Karin Daan).Op de kleine begraafplaats die nu in een bosachtige omgeving ligt, zijn vier grafmonumenten te vinden. De begraafplaats ligt ten zuiden van het grote gebouw op een kleine verhoging. Destijds lag er tussen de heide en de Maas helemaal niets. Er werd na de oorlog een zandgat uitgebaggerd dat bijna tot aan de begraafplaats reikte. De Augustinusstichting liet in de jaren zeventig ten oosten van de begraafplaats een groot gebouw plaatsen, maar dat is inmiddels alweer verdwenen. In 1977 werd de N271 ten westen van het terrein aangelegd waardoor een deel van het zandgat verdween.

Situatie anno 2018 op het kleine begraafplaatsje met de graven van Hans en zijn ouders.In 1955 werd naast het graf van Hans diens vader bijgezet. Ook op dit graf kwam een rood granieten zerk met een tekst in losse letters. In 1959 overleed de moeder van Hans en zij werd bijgezet in het graf van haar man. Beiden liggen dus naast hun zoon. In 1980 werd een aantal meters verderop de tweede man van Hans’ vrouw begraven. Ook hij kreeg een rood granieten zerk met dezelfde type tekst op zijn graf. Helene Werner overleed in 1992 en zij werd naast haar tweede man bijgezet in een eigen graf. Zij kreeg geen granieten zerk, maar in plaats daarvan werd het graf omgeven met een bakstenen rand en een eenvoudige hoofdsteen van witte kalksteen. Op een smalle basis staat een iets breder blok met daarin de naam van Helene en haar geboorte- en overlijdensdatum in forse kapitalen. Het geplande gedachtenishuisje voor Hans is nooit gerealiseerd.

Verloedering

De Sint Augustinusstichting die op het terrein van Zonlichtheide een instelling voor verstandelijke gehandicapten had aangelegd, fuseerde in 1997 met Stichting Maria Roepaan. Nadien volgden nog enkele fusies tot in 2006 de stichting Dichterbij ontstond. In datzelfde jaar werden grote delen van het terrein gesloten en afgestoten, waaronder ook het gebouw Zonlichtheide. Na sluiting ging het bergafwaarts met het gebouw en de omgeving. In 2017 probeerde gemeenteraadslid Frank Pubben zijn zorg over de teloorgang van het terrein te delen met de gemeenteraad. Behoud van de gebouwen is voorwaarde voor de herontwikkeling van het terrein. Anno 2018 zijn er plannen, maar die komen niet van de grond. Wat er ondertussen met de graven gaat gebeuren, is onbekend. Pubben vindt dat ook deze graven, net als de gebouwen, een monument moeten worden. Deze mening is ook stichting Monarch toegedaan. Deze stichting zet zich in zich voor Monumenten en Archeologie in Gennep. De stichting wil de historische gebouwen het liefst laten aanwijzen als rijksmonument.

 

Bron

Gevechtsberichten van de 1e compagnie van het IIIe bataljon van het regiment Grenadiers door kapitein H.W. Talen, via Archieven.nl: (geraadpleegd op 26 oktober 2018).

 

Literatuur:

  • Brongers, E.H.; De slag om Ypenburg. Mei 1940,
  • Delpher – Nieuwe Venlose Courant, 16 juli 1940
  • Jong, L. de; Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, Den Haag, ‘s-Gravenhage/Martinus Nijhoff 1981, deel 3.
  • Reijnen, Riet en Gerrie Franken; Hezeland 1 – Heesweg 49 (Helios), in: Hejs Nejs, jaargang 3, nummer 9, 2012.

 

Internet:

  • Zorgen om verloedering sanatorium en graf omgekomen soldaat Gennep; in De Gelderlander 16-08-2017 (geraadpleegd op 13 oktober 2018)

 

[1] Kapitein Talens, commandant van de eerste compagnie haalt in zijn gevechtsverslag van 17 mei 1940 aan dat de Duitsers zo’n 50 gevangenen voor zich uit dreven (Gevechtsverslagen en -rapporten mei 1940 (Nederlands Instituut voor Militaire Historie)).

 

Met dank aan Philip Stiemens, kleinzoon van Hans Stiemens, en Frank Pubben.

Beeldmateriaal beschikbaar gesteld door Philip Stiemens en Tonny Wilbers.