(Herdenkings-)monumenten WOII

Waalre - Provinciaal Monument

 

De St. Willibrord-kerk in Waalre stamt uit het begin van de achtste eeuw en is een van de oudste kerken van Noord-Brabant. Het oorspronkelijke houten kerkje werd in de twaalfde eeuw vervangen door een romaanse kerk van tufsteen. De kerk bleef, met de nodige verbouwingen, tot in de eerste helft van de twintigste eeuw in gebruik. Daarna werd de kerk aan de eredienst onttrokken en kreeg het na de oorlog de functie van Provinciaal Monument Brabantse Gesneuvelden.

Van kerk tot oorlogsmonument

Toen in 1925 de Heilige Willibrorduskerk in Waalre in gebruik werd genomen vanwege de groeiende katholieke geloofsgemeenschap, raakte de oude St. Willibrordkerk al snel in verval. Het gemeentebestuur probeerde de kerk en de toren, waarvan de gemeente zelf eigenaar was, in 1931 op de ‘Voorlopige lijst van Monumenten’ geplaatst te krijgen, waardoor restauratie met subsidie van het Rijksbureau voor de Monumentenzorg mogelijk zou worden. Men kreeg echter geen toestemming voor de restauratie van de bisschop, wel kreeg het kerkbestuur in 1933 toestemming om de kerk af te breken. Met het afkomende tufsteen zou ‘een klein kapelletje […] worden gebouwd ter omlijsting van een priestergraf’. Een offerte voor de sloop werd door de kerkbestuurders te hoog bevonden, terwijl intussen de gemeenteraad in 1936 een voorstel aannam om de kerktoren te slopen in de hoop de sloop van de kerk te bespoedigen. De ommekeer kwam in 1939, toen de gemeente eigenaar werd van de kerk en besloot de kerk te behouden. In 1940 werd architect Hendrik Willem Valk aangesteld om de kerk te restaureren met steun van Monumentenzorg. Besloten werd het romaanse zaalkerkje te herstellen, aangevuld met de gotische uitbreiding tussen kerkzaal en toren. De werkzaamheden begonnen in het voorjaar van 1941 en kwamen gereed in 1943.

 

Oude St. Willibrordkerk september 1940 (foto Bernard van Dooren - collectie Waalres Erfgoed)Oude St. Willibrordkerk september 1940
(foto Bernard van Dooren - collectie Waalres Erfgoed)

In overleg met de vereniging Brabantia Nostra, dat zich vanaf 1935 inzette voor de Brabantse cultuur, kreeg de kerk de huisvesting van het Kempenmuseum als bestemming. Zover kwam het niet, want niet veel later kreeg de kerk een nieuwe bestemming als gedachteniskapel voor de patroon Sint Willibrord. Dit veranderde weer in 1944 toen Waalre bevrijd was. De kerk zou een gedenkteken worden voor Brabanders die tijdens de oorlog hun leven hadden gegeven. Er werd een lokale commissie opgericht met onder andere schrijver Antoon Coolen als lid. De drijvende kracht was echter G.P.J. Bannenberg, legeraalmoezenier, pastoor in Tilburg en voormalig kapelaan in Waalre. Hij had zich voor de oorlog al met hart en ziel ingezet voor het behoud van de kerk. Dankzij de commissie werd het plan voor een provinciaal monument gerealiseerd en op 28 oktober 1945, een jaar na de bevrijding van Brabant, vond de eerste herdenking plaats in de gerestaureerde kerk.

St. Willibrordkerk.St. Willibrordkerk, mei 2021.

In 1946 kwam er een naamloos eregraf in de kerk, in het middenschip, waar een gesneuvelde Brabantse soldaat zou worden bijgezet. Antoon Coolen zou hiervoor de ouders hebben benaderd van Dick van Toor, een Eindhovense student die tijdens de meidagen van 1940 in Rotterdam was gesneuveld. Hoe de keuze voor Dick van Toor tot stand is gekomen, is niet bekend. Lang bleef zijn naam ook onbekend en stond zijn graf symbool voor de in de oorlog gesneuvelde Brabantse soldaat.

Dick van Toor

Als dienstplichtig soldaat werd Dick van Toor (geboren in 1918 in Strijp, Eindhoven) in het najaar van 1939 bij de algehele mobilisatie opgeroepen. Op dat moment was hij medisch student in Utrecht, waar hij sinds 1935 woonde. Van Toor werd na zijn oproep als korporaal-rekruut naar de School Reserve Officieren Geneeskundige Troepen (SROGN) in Utrecht gestuurd. Toen op 10 mei 1940 het Duitse leger Nederland binnenviel, werd Dick met zijn onderdeel, de 5e Compagnie van de SROGN, via Rotterdam naar het militair hospitaal in Beijerland gestuurd. Waarschijnlijk was men op dat moment nog onwetend van de Duitse aanval op Rotterdam en bij aankomst op het Maasstation, dat net was heroverd op Duitse troepen, moest de 5e Compagnie onder hevig Duits vuur het station verlaten. De Nederlandse mariniers die de bruggen in Rotterdam bezet hielden, wilden die bruggen niet lager dan een meter hoog laten zakken, waardoor de rekruten in kleine groepen sprongsgewijs hun weg moesten vervolgen. Verschillende soldaten raakten daarbij gewond en Dick van Toor werd door Duits vuur in zijn buik getroffen. Hij bezweek nog dezelfde dag aan zijn verwondingen. Dick van Toor zou slechts 22 jaar oud worden.

Foto bidprentje Dick van ToorFoto bidprentje Dick van Toor

Waar Dick van Toor in eerste instantie is begraven is niet bekend, mogelijk in een veldgraf of een tijdelijk verzamelgraf. Op 30 mei werd hij begraven op de gemeentelijke begraafplaats Crooswijk, ‘in het Holl. Militaire rij 2, no.63, vak P’. Daar bleef hij begraven liggen gedurende de oorlogsjaren. Op 1 maart 1946 werden zijn stoffelijke resten overgebracht naar Waalre en bijgezet in het graf in de St. Willibrordkerk.

Grafmonument Dick van Toor.Grafmonument Dick van Toor.

De zerk op het graf werd geschonken door het provinciale bestuur van Noord-Brabant en is vervaardigd door de Brabantse beeldhouwer Niel Steenbergen. In de zerk zijn de wapens van Nederland en Noord-Brabant gekapt. De zerk bevat een Maltezer kruis met daaronder de tekst:

Het Brabantsche volk
eert zijn gesneuvelde
zonen die voor het
vaderland vielen
en van wie een hier
rust tot de dag
van de opstanding
1940-1945

In de rand van de zerk is de eerste helft van het zesde couplet van het Wilhelmus uitgehakt.

De inrichting van de gedachteniskerk

Sinds 1945 wordt in Waalre jaarlijks op 28 oktober de provinciale dodenherdenking gehouden. In de jaren na de oorlog is de kerk verder ingericht als provinciaal monument. In 1947 en 1948 zijn drie gebrandschilderde ramen aangebracht, een geschenk van het Brabantse volk. De glazen, van de hand van glazenier Pieter Wiegersma, verhalen van het militaire en burgerlijke verzet, van vrede en welvaart onder het Huis van Oranje. De familie Toorop liet in het kleine roosvenster boven het altaar een gebrandschilderde madonna aanbrengen. De rouwborden, vervaardigd door de lokale schrijnwerkers Thijs en René Coolen, werden geschonken door alle Brabantse gemeenten waarvan een ingezetene in de kapel herdacht wordt. Het oudste bord, gemaakt van Surinaams basralocushout bevindt zich in de nis van de noordelijke muur van de toren. De namen van de gesneuvelden zijn uitgesneden op bordjes van krappahout. Later werden twee borden geplaatst voor de slachtoffers in het toenmalige Nederlands-Indië. In 1950 werd een bord onthuld voor slachtoffers die tijdens de Koreaanse oorlog zijn omgekomen en later werden slachtoffers bij missies in Libanon, Bosnië, ex-Joegoslavië, Cambodja, Afghanistan en Mali op het bord vermeld. Daarmee worden niet alleen de Brabantse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdacht, maar ook allen die bij oorlogshandelingen nadien het leven verloren. De linten van de kransen die geplaatst worden bij herdenkingen worden bewaard aan een ijzeren stang naast een van de rouwborden.

Een van de gebrandschilderde ramen die onderdeel uitmaken van het monumentEen van de gebrandschilderde ramen die onderdeel uitmaken van het monument

In 1950 werd een carillon van 35 klokken in de toren geplaatst, ter vervanging van de door de Duitse bezetter geroofde klokken. In 1952 werd het gotische deel van de kerk, samen met de torenhal, in gebruik gegeven aan de Stichting Herdenking Brabants Gesneuvelden. Het romaanse deel van de kerk bleef in gebruik bij de parochie, aanvankelijk voor de katholieke eredienst, maar later steeds meer voor bruiloften en uitvaarten. In 2014 kocht de parochie de kerk voor een symbolisch bedrag terug van de gemeente.

De oude rouwlinten worden bewaard naast de memorieborden.De oude rouwlinten worden bewaard naast de memorieborden.

Bij een inspectie van het eregraf in 1969 werd geconstateerd dat het graf onvoldoende zichtbaar was in de donkere kerk, bij huwelijksgelegenheden in de kerk onder een rode loper verdween en er over het graf werd gelopen. Nadien zijn houten palen rond het graf geplaatst met tussenhangende koorden, zodat het graf duidelijk zichtbaar is en beschermd wordt.

Digitaal monument

Tijdens de meidagen van 1940 en de evacuaties via België en Frankrijk zijn bijna 2.300 Nederlandse militairen gesneuveld. Circa 340 van hen kwamen uit Noord-Brabant. Uiteindelijk zouden meer dan 420 Brabantse soldaten sneuvelen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zij worden herdacht in Waalre.

Grafmonument met zicht op het voormalige koor.Grafmonument met zicht op het voormalige koor.

De lijst met namen op de gedenkborden is diverse keren geactualiseerd door het plaatselijke herdenkingscomité. Er kwamen ook steeds namen bij. Als er plek is op de bestaande borden, dan wordt de naam bijgeplaatst. De laatste toevoeging dateert van 2015. Er worden in de kerk geen panelen meer geplaatst. Enkele jaren geleden kwam er hulp van het Brabant Historisch Informatie Centrum (BHIC) in Den Bosch en werd een digitale versie van het monument gerealiseerd.  Alle toevoegingen komen online op de website ‘In Memoriam – Brabants gesneuvelden 1940 – ’. Eind 2021 bevat de lijst 2.133 personen, die ofwel militair, verzetspleger,  koopvaardijbemanningslid, of geëxecuteerde burger waren. Burgerslachtoffers en slachtoffers van de Holocaust vallen niet onder het monument.

De kerk is op afspraak te bezichtigen.

 

Bronnen:

Literatuur:

  • Bureau Funeralia, Inventarisatie en waardering RK kerkhof St. Willibrordus Waalre, 2020;
  • Walinga, Jaap et al., De kerk van Sint-Willibrord in Waalre – Dertien eeuwen historie, 3de druk 2011;
  • Bannenberg, Dr. G.P.J., Willibrord in Waalre en Valkenswaard, 2de druk 1962;
  • Monument Brabants Gesneuvelden, 2009;
  • SRE Milieudienst, Catalogus Cultuurhistorische Inventarisatie Erfgoedkaart Waalre. Bijlage behorende bij het rapport: Kempisch erfgoed in beeld, z.j.

Internet: