In Nederland komt wat het aantal begraafplaatsen betreft de provincie Utrecht op de tiende plaats. Deze plaats wordt gerechtvaardigd door het feit dat Utrecht van alle provincies het geringste oppervlak kent. Met de in totaal 211 begraafplaatsen scoort Utrecht wel hoger (vierde plaats) als het gaat om het aantal inwoners per begraafplaats.

Van alle begraafplaatsen is bijna 36% (75 in totaal) in handen van een gemeente. Dit percentage ligt iets hoger dan het landelijk gemiddelde dat op 34% ligt. De tweede groep wordt gevormd door de katholieke begraafplaatsen met bijna 24% (50), gevolgd door 40 begraafplaatsen van hervormde signatuur (19%). Opvallend is het grote aantal particuliere begraafplaatsen in Utrecht. Met ruim 11% vormt dit bijna het dubbele van het landelijke gemiddelde. Joodse begraafplaatsen vormen met iets meer dan 5% slechts een kleine groep in Utrecht. Qua percentage is dit vergelijkbaar met het landelijke beeld.

 

Met 441 begraafplaatsen bezet de provincie Limburg de vijfde plaats op de lijst met meeste begraafplaatsen per provincie. Dat is net één begraafplaats minder dan Zuid-Holland. Wel heeft Limburg de meeste begraafplaatsen per vierkante kilometer. Dat heeft zeker te maken met het feit dat het wateroppervlak in Limburg vrij gering is.

Van alle begraafplaatsen is iets meer dan 19% (85 in totaal) in handen van een gemeente. Dit percentage is fors lager dan het landelijk gemiddelde dat net onder de 34% ligt. Limburg laat alleen de provincie Noord-Brabant voorgaan als het gaat om het laagste aantal van alle provincies. Het grootste aandeel in Limburg wordt gevormd door de katholieke begraafplaatsen met bijna 65% (286). De overige 16% van de begraafplaatsen in Limburg is een verzameling van uiteenlopende aard. Joodse begraafplaatsen vormen met 4,3% de derde groep in Limburg. Daarmee wijkt Limburg behoorlijk af van het gemiddelde beeld dat we kennen van de meeste provincies. De verdeling naar aard/gezindte kan als volgt worden weergegeven:

 

Met 21 begraafplaatsen kent de provincie Flevoland het minste aantal begraafplaatsen van alle Nederlandse provincies. Het aantal begraafplaatsen per inwoner is dan ook het laagst in Flevoland. Daarmee tekent zich in Flevoland al duidelijk af dat er veel gecremeerd wordt in de provincie.
Van de 21 begraafplaatsen is ruim 90% (19) in handen van een gemeente. Dit percentage is fors hoger dan het landelijk gemiddelde dat op 34% ligt, en daarmee het hoogst van alle provincies. De overige twee begraafplaatsen zijn een islamitische en een joodse begraafplaats, beide in Almere. Daarmee geeft Flevoland het meest afwijkende beeld van alle provincies ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De verdeling naar aard/gezindte kan als volgt worden weergegeven:

 

Met 322 begraafplaatsen staat de provincie Overijssel op de achtste plaats. Het aantal begraafplaatsen per inwoner ligt iets boven het gemiddelde. Van de 322 begraafplaatsen is iets meer dan 34% (110) in handen van een gemeente. Dit percentage is ongeveer gelijk aan het landelijk gemiddelde dat iets onder de 34% ligt. De gemeentelijke begraafplaatsen maken in Overijssel gelijk het grootste deel uit, want met ruim 27% vormen de katholieke begraafplaatsen de tweede groep. De derde groep wordt gevormd door de joodse begraafplaatsen. Daarmee geeft Overijssel wel een enigszins afwijkend beeld ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Dat komt met name doordat het aantal PKN of hervormde begraafplaatsen slechts iets meer dan 9% van het totaal beslaat.


© 2018 Stichting Dodenakkers.nl | Alle rechten voorbehouden.Website ontwikkeld door Webcase.