Zeeland

IJzendijke - Schorers graf

 

Even ten noorden van het Zeeuwse dorp IJzendijke ligt de boerderij Schorersgraf. Een bijzondere naam voor een ruim honderd jaar oude boerderij. De naam van de boerderij verwijst naar het graf van Willem Schorer, die in 1800 op de zuidelijke punt van de Pietersdijk, 100 meter ten oosten van de boerderij, zijn laatste rustplaats vond. Schorer was jurist en grootgrondbezitter. En verzette zich bovendien tegen de praktijk van het begraven in kerken.

Wie was Willem Schorer?

Willem Schorer behoorde tot het geslacht Radermacher-Schorer, dat oorspronkelijk afkomstig was uit het Duitse Aken. Lucas Schorer (†1651), zoon van Gerhard Schoerder, koopman en burgemeester in de zestiende eeuw in Aken, verhuisde naar Middelburg, waar menig nageslacht bestuurder in de provincie werd. Maar het geslacht bracht ook juristen, predikanten en andere publieke functies voort. Daarmee was het een van de vooraanstaande families in Zeeland. Op Walcheren werden verscheidene buitenplaatsen voor korte of lange tijd door de familie bewoond.

Detail grafmonumentWillem Schorer (*1717 - †1800) was de zoon van Johan Guilhelmus Schorer (†1747) en diens eerste echtgenote Hillegonda Alyda Paspoort (†1723), dochter van Zacharias Paspoort. Die laatste was een van de initiatiefnemers van de inpoldering van de Zachariaspolder in Staats-Vlaanderen (het huidige Zeeuws-Vlaanderen) in 1740. Willem studeerde rechten in Leiden en studeerde daar af in 1738. In 1740 werd hij benoemd tot de Raad van Vlaanderen, het hoogste politiek rechtscollege van het graafschap. Hiervan zou Schorer vanaf 1765 tot de opheffing daarvan na de Franse invasie in 1795 president zijn. 

Schorer maakte naam met een in 1767 verschenen commentaar op de Inleidinge tot de Hollandsche rechtsgeleerdheid van Hugo de Groot, de internationaal vermaarde rechtsgeleerde. Schorer bekritiseerde ook de toen geldende wijze van procederen, waarbij het procesjargon onverstaanbaar was, de stukken te uitvoerig en ingewikkeld en de procesgang te langzaam en te duur. Hij bepleitte bovendien één enkel recht voor alle provincies. Ook verzette hij zich tegen onnodige wrede straffen, zoals de pijnbank, maar bleef tegelijk wel voorstander van de doodstraf. Ook heeft Schorer zich sterk gemaakt voor de bedijking van de schorren[i] in Titelblad van 'Proces ter eerster instantie gedecideert by het Ed. Agtbaare Gerechte der stadt Middelburg...'Zeeland en in het bijzonder die van Staats-Vlaanderen. Belangrijk twistpunt was daarbij wie de eigenaar was van de Hoofdplaat, nabij Biervliet, ofwel de provincie dan wel de Staten-Generaal. In 1775 kwam men tot een overeenkomst, waarbij 60% naar de provincie zou gaan. In 1778 werd de Hoofdplaatpolder drooggelegd. Schorer had hier overigens zelf ook een belang, aangezien hij meerdere landerijen in bezit had bij IJzendijke, dat onderdeel was van Staats-Vlaanderen en niet onder het bestuur van Zeeland viel.

In 1740 huwde Schorer met de achttienjarige Anna Elisabeth Eversdijk, een burgemeestersdochter uit Goes. Na een langdurige procedure en geruchtmakende rechtszaak werd dit huwelijk in 1749 nietig verklaard. Als reden voor de ontbinding van het huwelijk werd door de rechters impotentie van Willem Schorer genoemd. Schorer ontkende, maar had zelf zijn vrouw tijdens het proces beschuldigd van frigiditeit. Om zijn gelijk te bewijzen, zou Schorer in 1755 alle processtukken in boekvorm publiceren[ii]. Een jaar na zijn scheiding hertrouwde Schorer met Juliana Philippi. Niet bekend is of zij samen kinderen hebben gekregen.

Het graf

In de achttiende eeuw werd de roep om te stoppen met het begraven in kerken steeds luider. Veranderende opvattingen leidden ertoe dat in meerdere plaatsen in Nederland zogenoemde buitenbegraafplaatsen verschenen, zoals in Scheveningen en Tiel, beiden toepasselijk Ter Navolging genoemd. Ook in Zeeland was er discussie. In 1776 hield Adriaan Kluit, hoogleraar aan de Illustre school te Middelburg, een rede over ‘den bygeloovigen oorsprong en schadelyke gevolgen van ’t begraven in kerken en steden’ in de Nieuwe Kerk in Middelburg.

In 1795 werd Staats-Vlaanderen geen onderdeel van de Bataafse Republiek, maar ingelijfd door Frankrijk, waar in de decennia daarvoor de discussie over het begraven in alle hevigheid plaats had gevonden. Vrijwel overal in Frankrijk werd al niet meer begraven in kerken.

Sint Pietersdijk met rechts het grafmonumentWillem Schorer woonde echter in Middelburg, dat bij de Bataafse Republiek behoorde, en hij had zich daar kunnen laten begraven in de kerk. Vermoedelijk had de familie daar een eigen grafkelder. Hoewel in de Bataafse Republiek het begraven in kerken in 1796 officieel niet meer was toegestaan, werd hier nauwelijks gevolg aan gegeven. Maar Schorer toonde zich bij leven al vooruitstrevend in zijn werken en toonde dit in zekere mate ook privé. Hij had een plek uitgezocht te midden van zijn bezittingen, waar hij na zijn dood begraven wilde worden en legde zijn wens vast in zijn testament. Naar verluidt had hij het stuk dijk daarvoor al in maart 1780 aangekocht.

In het zuidwesten van de St.-Pieterspolder werd Willem Schorer op een driesprong van dijken na zijn dood in 1800 bijgezet in een grafkelder. Zijn echtgenote, Juliana Philippi, was al in 1786 overleden in Veere. Niet bekend is waar zij is begraven. Zodoende ligt Schorer alleen in zijn graf. Op de zerk de volgende inscriptie:

Hier ligt begraven

De Wel Edle Gestrenge Heer

Mr. Willem Schorer

in leven President en Raad

van den Edele Hove

van Vlaanderen

Superintendent der Leenen

overleden den 6den December 1800

in den ouderdom van 83 jaren

en negen maanden

geboren te Middelburg

den 4den Februari 1717

                                              

                                   Job 14:1 en 2   PSalm 39 5:6
                                PSalm 90:10

Grafmonument op de Sint PietersdijkHet graf bestaat uit een eenvoudige gemetselde kelder, afgedekt door een forse hardstenen zerk. De omheining van het graf, bestaande uit zes betonnen palen die verbonden zijn door dubbele ijzeren staven, is niet oorspronkelijk. Mogelijk heeft hier eerder een ander hekwerk gestaan.

In de jaren zeventig nam de gemeente Sluis het onderhoud van het graf op zich. Op verzoek van de familie werd het grafmonument in 2018 opgeknapt.

In 2019 verscheen een boek over de boerderij, het graf, de omliggende polders, en betrokken families met als titel ‘Verbonden met Schorersgraf’.

 

Noten

[i] Schorren zijn buitendijkse gebieden die onder invloed zijn van de getijdenwerking, maar alleen overstroomd worden bij springtij.

[ii] Willem Schorer, Proces ter eerster instantie gedecideert by het Ed. Agtbaare Gerechte der stadt Middelburg [...], Leiden, Elias Luzac 1755

Literatuur