Als bloemen bij het graf

Als bloemen bij het graf - Kolham

 

Op de begraafplaats van Kolham trekken een drietal stèles de aandacht vanwege de inhoud van de grafdichten. Deze grafdichten maken ons deelgenoot van een paar menselijke drama’s en dientengevolge diep verdriet in de families van de overledenen.

Henderikus Dieters was de zoon van timmerman-aannemer Jan Dieters en diens echtgenote Susanna Eisseler. In de voetsporen van zijn vader werd hij ook timmerman. Tijdens werkzaamheden op het Kazerneplein te Groningen werd hij getroffen door een vallende muur en overleed ten gevolge daarvan. Henderikus was 17 jaar toen hij stierf op 26 mei 1898.

Grafmonument Henderikus DietersGrafmonument Henderikus Dieters

OFSCHOON NOG JONG, GEZOND
EN STERK
OP HET KAZERNEPLEIN TE GRO-
NINGEN AAN HET WERK,
WAS DOOR HET VALLEN VAN EEN MUUR
ZIJN LEVENSLOOP ZOO KORT VAN DUUR.
RAS GAAT DE TIJD VOORBIJ
EN IS HET WEER VERSCHENEN
DAT ZIJ DIE HEM NU BEWENEN
OOK RUSTEN AAN ZIJN ZIJ.

In de laatste vier regels houdt de dichter ons voor hoe betrekkelijk het leven is. Zij die nu Henderikus bewenen, zullen te eniger tijd rusten aan zijn zij

In het Academie Ziekenhuis te Groningen overleed op 27 september 1916 Oltman Begeman, 12 jaar oud. Als zoon van het landbouwers echtpaar Oltman Begeman en Hindrikje Begeman verloor hij al op jonge leeftijd beide ouders. In 1905 overleed zijn vader. In 1915 zijn moeder, die in 1907 hertrouwd was met landbouwer Jurrien Kooi.

Grafmonument Oltman BegemanGrafmonument Oltman Begeman

Op de stèle werd een grafdicht aangebracht:

JONG GING HIJ NAAR VERRE
VRIENDEN TOT ZIJN VREUGD
EN EER. MAAR HELAAS
HIJ MOEST HET MET DEN
DOOD BEKOPEN. EN RED-
DING HIELP NIET MEER.

Het grafdicht roept veel vragen op. Wie en waar zijn die verre vrienden? Wat wordt er bedoeld met tot zijn vreugd en eer? Waarschijnlijk kwam Oltman om het leven nadat hij zonder toestemming een paard had beklommen en er ogenblikkelijk weer van af was gevallen. Bewusteloos bleef hij liggen en enkele uren later overleed de jongen in het ziekenhuis.

Cornelia de Vries overleed in het Diaconessenhuis te Groningen, op 20 september 1918, 29 jaar oud. Ze was dienstbode in Groningen. Geboren was ze in Foxham, nu een buurt van Hoogezand, maar toen nog behorend tot het grondgebied van Kolham. Foxham lag aan het Winschoterdiep, waarlangs op het Trekpad haar vader Jan de Vries als scheepsjager de schepen trok wanneer de wind het liet afweten en er geen scheepsmotor aanwezig was. Het vallen van een raam heeft haar het leven gekost. Het zal gebeurd zijn tijdens werkzaamheden. Misschien door een raam, dat met contragewichten op en neer kan worden bewogen, maar wel met een pin moet worden vastgezet. Een zwaar raam waarschijnlijk. Een triest einde aan een jong leven.

Grafmonument Cornelia de VriesGrafmonument Cornelia de Vries

GIJ DIE HET LEZEN GAAT
DENK AAN UW DOOD EER
’T IS TE LAAT. DOOR HET VAL-
LEN VAN EEN RAAM
WERD HAAR LEVENSLOOP
GEDAAN. JONG IS ZIJ NAAR ‘T
GRAF GEDRAGEN. OOK UW
STERFUUR KAN SPOEDIG
SLAGEN.

Het grafdicht maant de lezer de eigen eindigheid goed te beseffen. Hoewel de dichter de laatste regels wilde laten rijmen, klinkt er ook iets door van het Gronings dat werd omgezet in het Nederlands: slagen in plaats van slaan.

 


© 2023 Stichting Dodenakkers.nl | Alle rechten voorbehouden.Website ontwikkeld door Webcase.