Als bloemen bij het graf

Als bloemen bij het graf - Hijken

 

Monument voor een gevallene

 

Een zeer groot aantal Nederlands oorlogsslachtoffers vond hun laatste rustplaats op een van de erevelden in Europa of in het Verre Oosten. In Nederland zelf kennen we het ereveld te Loenen (gem. Apeldoorn) en het militaire ereveld op de Grebbeberg. Een aantal nabestaanden koos echter voor een laatste rustplaats op het kerkhof of de begraafplaats van de eigen woonplaats.

Het monument op het graf van Lucas Bosman op de begraafplaats van Hijken (Dr.) valt op door de plaatsing aan het einde van het middenpad, de vorm, het grafdicht op het monument én de zorg, die aan het graf wordt besteed. Lucas Bosman, geboren op 14 oktober 1913, maakte als dienstplichtig soldaat deel uit van het 1e Regiment Infanterie.

Tijdens gevechtshandelingen aan de Wassenaarse Slag, nadat hun bivak was overvallen door de Duitsers, sneuvelden in de nacht van 10 op 11 mei 1940 de bataljons-commandant, de commandant van de tweede compagnie en een twintigtal manschappen, onder wie dienstplichtig soldaat Lucas Bosman. Aanvankelijk is hij begraven op 13 mei 1940 op het terrein van de Albertushoeve, een boerderij, gelegen aan de zuid-westzijde van het vliegveld Valkenburg, om welk vliegveld hevig is gevochten. Op 23 mei 1940 werd hij herbegraven te Hijken.

Op het grafmonument lezen we:

WAAROM MOET IK HIER
TOCH RUSTEN.
EN VER VAN MIJN GELIEFDEN
HEENEN GAAN.
DE DAG DES OORDEELS
ZAL VERSCHIJNEN.
WAT GOD DOET, MOGE
ZIJN WELGEDAAN.

In de eerste vier regels laten de ouders als het ware hun zoon spreken. De eerste zin verwoordt het onbegrijpelijke en onaanvaardbare sterven op zo jonge leeftijd. Op die leeftijd rust je nog niet. Dan hoort het leven je nog toe te lachen. Bovendien is het ook nog een sterven ver van de geliefden. Dat God eenmaal zal oordelen is een bijbels gegeven. Voor de ouders van Lucas Bosman is het een uitgemaakte zaak: de dag des oordeels zal verschijnen! Dan zal alle ongerechtigheid aan de kaak worden gesteld, ook dat van de agressor, door wiens toedoen hun zoon het leven liet. Dan zal ook Gods bedoeling in dit alles duidelijk worden.

Bekend is de versregel: wat God doet, dat is welgedaan (gezang 432 in het Liedboek der Kerken). De regel in het grafdicht drukt zich minder stellig uit: wat God doet, moge zijn welgedaan.

 

 


© 2023 Stichting Dodenakkers.nl | Alle rechten voorbehouden.Website ontwikkeld door Webcase.