Zuid-Holland

Vlaardingen - Gemeentelijke begraafplaats Emaus

 

Over in het oog lopende en bijzondere begraafplaatsen wordt veel geschreven. Zo verscheen begin 2020 een boekje over de gemeentelijke begraafplaats Emaus in Vlaardingen. De geschiedenis van Emaus begint echter niet bij de algemene begraafplaats, maar bij de naastgelegen katholieke begraafplaats die inmiddels is opgegaan in de gemeentelijke begraafplaats.

Oorsprong begraafplaatsen

In 1743 maakte Cornelis Pronk een tekening van de Grote kerk met daarvoor het kerkhof (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed).Meestal is begin negentiende eeuw het verbod op begraven in kerken en binnen de bebouwde kom de reden van ontstaan van veel Nederlandse begraafplaatsen. Er is echter ook een aantal dat om andere redenen is aangelegd. Aan het begin van de negentiende eeuw werd in Vlaardingen nog volop gebruik gemaakt van de Grote Kerk op de Markt. Het kerkhof was voor alle gezindten, dus ook voor de katholieken die destijds net ten noorden van Vlaardingen een enclave vormden. Deze enclave viel niet onder de stad Vlaardingen, maar behoorde bij het ambacht Zouteveen. De gevelsteen uit de boerderij Emous is nu terug te vinden in de gevel van het Stadsarchief (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed).Al in 1682 had men hier een kerkje gebouwd, terwijl de pastorie aan de dijk stond, het Emaus genaamd. Die naam had de dijk te danken aan een zeventiende-eeuwse boerderij waarin een herberg was gevestigd. De naam Emous op een steen in de voorgevel van het pand klonk beter dan Vlaardingsche Weg en bleef hangen aan de weg en later ook de begraafplaats. Wel werd de naam met een a geschreven, dus Emaus.

Met de komst van de Fransen in 1795 en ook na hun vertrek in 1813, heerste er in principe godsdienstvrijheid in Nederland. De katholieken hoefden hun kerken niet meer te verbergen en mochten ook eigen begraafplaatsen aanleggen. De katholieke staatsies waren echter nog niet zo goed georganiseerd zoals later, toen ook bisdommen werden opgericht. De pastoor in het Vlaardinger-Ambacht had echter al vroeg zijn zinnen gezet op een eigen begraafplaats. Op 2 mei 1820 kon hij die dan ook inwijden. De begraafplaats was aangelegd op een klein vierkant stuk grond aan het Emaus achter de pastorie. De grond was geschonken door familie Van Mil. Ondertussen bleef de stad Vlaardingen met het probleem van een overvol kerkhof zitten. In 1823 kocht de gemeente iets ten zuiden van de katholieke begraafplaats een stuk grond voor 1.250 gulden met de bedoeling hier een begraafplaats aan te leggen. Het zou echter tot 1829 duren voordat het terrein als begraafplaats in gebruik werd genomen. Het jaar daarvoor was al door de gemeenteraad besloten de kerk te compenseren voor het verlies van de inkomsten uit begraven. Voortaan zou de gemeente jaarlijks 325 gulden betalen aan het kerkbestuur. Verder werden 169 eigenaren van graven in de kerk gecompenseerd met een eigen graf op de nieuwe begraafplaats.

Emaus in de negentiende eeuw

Het terrein waar nu de begraafplaats ligt, was in de middeleeuwen en vroegmoderne tijd het domein van de graven van Holland. Een deel van dat domein, een terrein met tuin, boomgaard en plantage, was in 1823 door de gemeente aangekocht, samen met de percelen Emaus 4, 6 en 8 (het huidige entreegebouw). In 1828 werd dat terrein nog uitgebreid met een stuk grond aan de zuidzijde. Daarvoor betaalde de gemeente 700 gulden. Samen zijn deze percelen sinds 1829 in gebruik als begraafplaats.

De aanleg van de begraafplaats was in 1828 begroot op 4.800 gulden terwijl er ruim 9.000 gulden werd besteed. Op de begroting van 1829 was nog eens een bedrag van 5.000 gulden uitgetrokken terwijl er bijna 5.600 gulden werd besteed. Al met al had de aanleg van de begraafplaats dus bijna 15.000 gulden gekost. Emaus 4 was oorspronkelijk de tolgaarderwoning waar de tol aan de Emaus geheven werd. Dit werd later het wachtlokaal van de begraafplaats. Deze wegtol markeerde de grens tussen de gemeenten Vlaardingen en Vlaardinger-Ambacht. Emaus 8 was de woning van de grafmaker. Het koetshuis (Emaus 10) werd pas in 1914 gebouwd.

Topografische kaart van Vlaardingen rond 1870 met de oorspronkelijke begraafplaatsen weergegeven.In eerste instantie lag de begraafplaats op een lang en wigvormig stuk grond dat tot de Zijlsloot doorliep. Vanaf het Emaus tot aan de sloot zo’n 120 meter en in breedte uitlopend van ruim 20 meter tot aan het eind zo’n 50 meter. Over de eerste jaren gaat het verhaal dat het vooral kale aarde was die men hier zag, want veel grafmonumenten werden er niet geplaatst. Door tijdgenoten werd de begraafplaats destijds als armoedig bestempeld. In het voorste gedeelte werden koopgraven uitgegeven met daarachter huurgraven en waarschijnlijk daarachter nog de algemene graven voor de allerarmsten. Rondom stonden iepen die in 1865 gekapt werden en te koop werden aangeboden. Waarschijnlijk werden er daarna gewoon weer jonge iepen aangeplant.

Het ambacht Zouteveen werd in 1855 samengevoegd met Vlaardinger-Ambacht, maar nog steeds lag de begraafplaats niet in de gemeente Vlaardingen. Beide gemeenten maakten gebruik van de begraafplaats, dus een probleem was dat niet. In 1860 werd in het oosten van de gemeente Vlaardingen een kleine joodse begraafplaats aangelegd door de groeiende joodse gemeenschap. De katholieke begraafplaats was ondertussen wat meer op zichzelf komen te liggen doordat de pastorie met schuilkerk aldaar in 1869 werden verkocht.

Uit het jaar 1894 weten we dat er op de begraafplaats dat jaar 97 lijken werden begraven van personen boven de 12 jaar en 138 van personen onder de 12 jaar. Ruim tweehonderd begravingen op nog geen halve hectare betekende dat veel begrafenissen plaatsvonden in algemene graven. In 1899 bleek dat een uitbreiding nodig was. Burgemeester en wethouders (B&W) stelden dan ook voor om een aansluitend stuk grond aan te kopen van de weduwe H. den Breems-Van Dusseldorp. Het ging om een stuk grond van ruim een hectare, wat een forse vergroting van de begraafplaats betekende. Wel diende de gemeente een nieuwe scheidingssloot te graven, wat samen met de aankoop neerkwam op een bedrag van ruim 8.500 gulden. In eerste instantie stelden B&W voor om de helft van dit terrein op te hogen en in de Zijlsloot een duiker met dam aan te leggen. De kosten werden beraamd op 22.000 gulden. Uiteindelijk werd het werk voor enkele duizenden guldens minder uitgevoerd door een lokale aannemer. Wel was de dam geschrapt waarvoor in de plaats een brug werd aangelegd. Het nieuwe gedeelte kon per 1 juli 1902 in gebruik worden genomen.

Ontwikkelingen twintigste eeuw

in 2005 kon nog een beeld verkregen worden van de oude situatie van de gebouwen zoals die mogelijk in 1914 tot stand kwam.In 1907 bleek er behoefte aan een fatsoenlijke wachtkamer. Die zou er pas in 1914 komen toen de gehele toegangspartij met nevengelegen gebouwen werd aangepakt. In 1911 had de gemeente al vier kleine woningen aangekocht die nu afgebroken werden. Ter plekke werd een nieuw koetshuis gebouwd, terwijl het oude verbouwd werd tot wachtlokaal. De woning van de grafmaker werd verbeterd zodat de feitelijke beheerder wat gerieflijker kon wonen.

Al ruim voor de Tweede Wereldoorlog werd duidelijk dat de bestaande begraafplaats te klein werd. De beide gemeenten groeiden in die tijd, maar er werden vaak ook lijken van buiten de gemeente hier begraven. Bericht in de Maasbode van 18 mei 1922 over een verdronken schipper die op Emaus begraven is.Dit waren met name vissers en (buitenlandse) zeelieden die tijdens hun werk omkwamen bij ongelukken of in de Waterweg waren aangespoeld na te zijn verdronken. Talloze keren valt in de kranten van die tijd het lot te lezen van deze verongelukten.

In de jaren twintig werd gedacht aan een annexatie van Vlaardinger-Ambacht door Vlaardingen. Daarbij kwam ook de begraafplaats aan de orde. Vanuit Vlaardingen werd gezinspeeld op speculatie met gronden in de buurt van de begraafplaats door Vlaardinger-Ambacht. Vanuit Vlaardinger-Ambacht was juist aan Vlaardingen een gunstig aanbod gedaan voor overname van grond naast de begraafplaats. Vlaardingen ging daar echter niet op in. De gemeente Vlaardingen bleek elders in de gemeente Vlaardinger-Ambacht al gronden te hebben aangekocht, maar in 1927 kwam bij besprekingen over een nieuwe begraafplaats naar voren dat die gronden ongeschikt waren door hun lage ligging. Uiteindelijk werd overgegaan tot aankoop van gronden, samen zo’n anderhalve hectare, die noordelijk van de begraafplaats lagen. Wel kleefden er nadelen aan de vorm van het terrein, die ook bij de reeds bestaande begraafplaats hinderlijk bleek. In 1928 werd ten noorden van de begraafplaats een stuk grond van ongeveer 0,4 ha aangekocht voor 6.650 gulden, terwijl iets later nog een stuk grond van 1 ha werd gekocht voor 22.895 gulden. In 1929 werd gestart met het ophogen van het nieuwe gedeelte met 25.000 m3 duinzand. Deze werkzaamheden liepen door tot in 1930. Omdat tot dan toe de bereikbaarheid van de graven slecht was, werd tevens een nieuwe ontsluitingsweg aangelegd, zodat de begrafenisonderneming met eigen vervoer de gehele begraafplaats kon bereiken. Een gedeelte van de uitbreiding kon nog niet meteen in gebruik worden genomen, want daar rustte nog een huurcontract op van een tuinder. De inrichting van het overige deel werd anders ter hand genomen, wat inhield dat de eigen graven niet alle meer achter elkaar kwamen te liggen, maar aan paden.

De nieuwe kapel die in 1930 gebouwd werd.In 1931 werd op de katholieke begraafplaats een nieuwe kapel ingewijd ter vervanging van de kapel uit 1836. De nieuwe kapel werd gebouwd naar ontwerp van architect H.C.M. van Beers. De kapel is een fors bakstenen gebouw, in een traditionalistische vormgeving met een hoog zadeldak. Overigens werd bij de uitbreiding van de algemene begraafplaats ook een gedeelte ingericht voor katholieken.

In 1941 werd Vlaardinger-Ambacht door Vlaardingen geannexeerd waarmee de begraafplaats 112 jaar na ingebruikname eindelijk op Vlaardings grondgebied lag.

Na de Tweede Wereldoorlog volgde zuidelijk van het oudste gedeelte nog een forse uitbreiding. Daarmee werd de grote bevolkingstoename en de daarmee gepaard gaande groei van het aantal overledenen maar gedeeltelijk opgevangen. Bovendien kon de nu 3,5 hectare grote begraafplaats niet meer uitbreiden. In 1967 werd de katholieke begraafplaats bij de gemeentelijke begraafplaats gevoegd. Ze lagen al dicht bij elkaar en nu gingen beide in elkaar op. De kapel bleef behouden.

Eind jaren zestig maakte de gemeente Vlaardingen plannen om een nieuwe begraafplaats aan te leggen. In de wijk Holy werd toen een moderne wijk uit de grond gestampt waardoor Vlaardingen nog veel harder zou groeien. Er waren ook plannen om de gebouwen aan het Emaus af te breken om de verkeersdoorstroom te bevorderen. Er zou dan wel een nieuwe aula gebouwd worden. Zover is het niet gekomen. De nieuwe begraafplaats kon in 1974 worden geopend, waarna op Emaus geen nieuwe graven meer werden uitgegeven. Er kon alleen nog begraven worden in bestaande eigen graven. In 1981 nam de gemeente Vlaardingen het besluit om die bijzettingen toe te staan tot 1 januari 1982. Daarmee leek het lot van de begraafplaats bezegeld. In de loop van 1982 werd echter besloten de begraafplaats nog eens tien jaar open te houden. Ruiming van de begraafplaats zou dan in 2022 kunnen plaatsvinden.

Renovatie

In 1988 schreef het toenmalige hoofd van Plantsoenen van de gemeente Vlaardingen, de heer Davidse, een artikel over de reconstructie van de begraafplaats. In het artikel wordt ingegaan op drie keuzemogelijkheden waarbij al dan niet grafmonumenten werden verwijderd. Aandacht voor behoud van waardevolle monumenten en graven van bekende personen was er toen ook al. Maar Davidse liep ook vooruit op een mogelijke sluiting van de begraafplaats. In dat geval zouden de gebouwen gebruikt kunnen worden als expositieruimte, stiltecentrum of dependance van het gemeentearchief. De aula van het katholieke gedeelte zou bestemd worden als atelier voor kunstenaars. Dat laatste was feitelijk al sinds 1987 het geval. Uiteindelijk werd binnen de gemeente de discussie gevoerd, waarbij wel duidelijk was dat historisch waardevolle delen van de begraafplaats behouden moesten blijven. Davidse probeerde ook de burgerij te mobiliseren. Hij schreef in het artikel: “politiek gezien is een begraafplaats pas interessant als de burgerij zich beklaagt over het onderhoud”. In diezelfde jaren heeft de gemeente Vlaardingen nog geprobeerd de begraafplaats aan te laten wijzen als een rijksmonument, maar daar was geen animo voor. De begraafplaats werd niet voorgedragen.

In de jaren daarna bleef de begraafplaats in de belangstelling staan, al was het maar wegens de jaarlijks dodenherdenking rond het Geuzenmonument dat op de begraafplaats ligt. Ondertussen liep het onderhoud van de begraafplaats terug, wat voor velen een doorn in het oog was.

De gerenoveerde ingang op een zonnige dag.Eind 2007 werd door B&W besloten op Emaus weer te starten met de uitgifte van nieuwe graven. Daarnaast werd besloten de begraafplaats een opknapbeurt te geven en meer mogelijkheden voor asbestemmingen in te richten. Onderdeel van de plannen was ook de restauratie en herbestemming van de gebouwen bij de ingang. In 2010 werd dit werk gestart en medio 2011 kon het werk worden afgerond. Een nieuwe aula en wachtruimte waren toen gerealiseerd. Ook het groen en de paden werden aangepakt, maar de aandacht voor de talloze grafmonumenten bleef vooralsnog achterwege. De Historische Vereniging Vlaardingen (HVV) trok zich het lot aan en stelde in 2011 een werkgroep in. Die startte eerst met een inventarisatie. Resultaten van de inventarisatie werden zichtbaar op een website, waar direct al veel belangstelling voor was. De website werd ook ingezet om rechthebbenden en nabestaanden te wijzen op de slechte staat van veel grafmonumenten. Een aantal rechthebbenden heeft daarna hun grafmonument opgeknapt, al dan met advies van de HVV. Verschillende grafmonumenten waarvan geen rechthebbenden meer bekend waren, zijn opgeknapt door de werkgroep, maar er is meer nodig. Er bestaan dan ook plannen om daarvoor een specifieke werkgroep op te zetten.

Grafmonumenten

Grafzerk voor burgemeester Van Linden van den Heuvell naast andere oude zerken.Direct na de ingang liggen de oudste grafmonumenten. Hier ligt nog een aantal zerken, maar het is duidelijk dat dit gedeelte intensief gebruikt is doordat er ook veel jongere grafmonumenten tussengevoegd zijn. Dat het gedeelte oud is, is ook af te leiden aan het feit dat de grafmonumenten dicht op elkaar liggen, zoals destijds gebruikelijk was in de kerk. Verderop op de begraafplaats staan grafmonumenten uit de twintigste eeuw, waarbij allerlei voor die tijd typische materialen opvallen: baksteen, graniet, tegels en kunststeen. Opvallend is verder dat hier veel grafmonumenten wel in de rij liggen, maar dat het tekstgedeelte naar het pad gekeerd is. Hierdoor is een aantal hoofdeinden dus niet op de kopse kant te vinden, maar staat dwars op het graf. Er zijn talloze fraaie voorbeelden op de begraafplaats te vinden, waarvan er hier een klein aantal behandeld wordt.

Het imposante grafmonument voor Hugo Maarleveld.Onder één van de eenvoudige zerken vlak bij de ingang ligt het graf van burgemeester H.L. van Linden van den Heuvell. Hij was van 1824 tot 1850 burgemeester van Vlaardingen en onder zijn bestuur kwam de begraafplaats tot stand. Verderop, op het oude gedeelte, staat een imposant grafmonument voor de kunstschilder Hugo Maarleveld die in 1886 overleed. Op de wit gekalkte cippus zijn verschillende funeraire symbolen opgenomen, maar het basement bevat ook verwijzingen naar het beroep van de overledene: een schilderspalet met penselen. Helaas verkeert het grafmonument in slechte staat.

Op de begraafplaats is ook een aantal bijzondere grafmonumenten van kunststeen te vinden. De oorsprong daarvan ligt ongetwijfeld bij de Italiaanse terrazzowerkers die eind negentiende eeuw naar Vlaardingen kwamen. Waarschijnlijk hebben zij de hand gehad in de uitvoering van deze kunststenen grafmonumenten. Ze zijn niet alleen van uitermate hoge kwaliteit en hebben een bijzondere vormgeving, maar hebben de tand des tijds ook nagenoeg ongeschonden doorstaan. Grafmonument vervaardigd uit kunststeen op het graf van Maria Oversluizen-Neelemaat.Een van de voorbeelden is het grafmonument voor Maria Oversluizen-Neelemaat (overleden 1940) en enkele familieleden. Op het graf staat een stèle van kunststeen, bestaande uit een forse gelijkzijdige spitsboog die steunt op pilaartjes die opgebouwd zijn uit kleine bollen. Ter hoogte van de pilaartjes zwenkt de stèle even naar binnen. De stèle is geplaatst op een rand, terwijl op het graf een dunne hardstenen plaat ligt die rust op een betonplaat. In de linkerhoek aan de voorzijde van het graf ligt een bol, eveneens van kunststeen. In de top van de boog is het alfa- en omega-teken opgenomen, staande voor het begin en einde van het leven en daarmee voor het eeuwige leven. De letters zijn gezwart. De steen is van een hoge kwaliteit, wat blijkt uit het feit dat er in 1991 nog een tekst bij gehakt kon worden.

Naast kunststeen zijn er ook nog talloze grafmonumenten te vinden die bekleed zijn met tegels. Ze zijn in verschillende varianten op de begraafplaats te vinden. Sommige met een glazen tekstplaat, andere met een tekstplaat van graniet. Daarnaast is er een aantal uitgevoerd met een klein bloembakje. Hoewel dergelijke tegeltjesmonumenten door het hele land te vinden zijn, is het grote aantal hier in Vlaardingen wel heel opvallend.

Het Brandweermonument, onthuld in november 1951, herinnert aan de tragische gebeurtenis eerder dat jaar.Indrukwekkend is ook het Brandweermonument voor vijf brandweerlieden die op 9 februari 1951 omkwamen bij een poging een grote oliebrand in de Vlaardinger haven te bestrijden. Dit monument is opgetrokken uit baksteen in een getrapte vorm met verschillende marmeren platen waarop fakkels en palmtakken zijn opgenomen, terwijl de middelste plaat de namen van de vijf omgekomen mannen bevat. In het met bakstenen omrande grafvak liggen nog vijf herdenkingsstenen.

Oorlogsgraven

Het Geuzenmonument waarbij ook de graven voor drie Engelse zeelieden zijn opgenomen.De Tweede Wereldoorlog bracht in Vlaardingen al in maart 1940 de eerste slachtoffers. Op 5 maart 1940 werd de matroos Bart Von begraven die op het tankschip “Den Haag” voer toen deze op 15 februari door de Duitse onderzeeboot U 48 werd getorpedeerd. In juni, toen de oorlog in Nederland inmiddels was uitgebroken, werden de lichamen van drie Engelse matrozen en de Nederlandse machinedrijver Dirk de Boer op de begraafplaats begraven. Ze waren allen op 11 mei omgekomen bij het zinken van de Loodsboot 19 die met een lading goud op weg was naar Engeland. De begrafenis was in het bijzijn van enkele hoge Nederlandse en Duitse marinebevelhebbers. Later zijn deze graven met zes graven van verzetslieden uit het Geuzenverzet samengevoegd tot het zogenaamde Geuzenmonument. Het monument bestaat uit een ommuurd gedeelte en nog een tweetal muren met daarvoor stèles. Achter het monument staan twee vlaggenmasten waaraan bij herdenkingen de Britse en Nederlandse vlaggen wapperen.

In oktober 1940 werden zes slachtoffers begraven van een bomaanval op de Vlaardingse haven. Deze slachtoffers liggen verspreid over de begraafplaats begraven. Voor enkele verzetslieden die in de Tweede Wereldoorlog omkwamen is er ook nog een verzamelgraf gemaakt. Het gaat om een dubbelgraf met daarin zes mannen die hier in 1950-1951 herbegraven werden. Op het hoofdeind staan twee stèles verbonden door een lager tussenstuk. Het graf is omrand met bakstenen.

Vandaag de dag

Inmiddels is begraafplaats Emaus geheel opgeslokt door de bebouwing van Vlaardingen. Door twintigste-eeuwse stadsuitbreidingen en aanleg van wegen is de begraafplaats nu feitelijk midden in de gemeente komen te liggen.

De hoofdentree ligt aan het Emaus, de oostzijde van de begraafplaats. Aan de westzijde grenst de begraafplaats aan de Trekkade gelegen langs de Vlaardingse Vaart. Hier bevindt zich eveneens een toegang met een modern toegangshek. Aan de zuidzijde ligt de Westlandseweg die wat hoger is gelegen. Noordelijk van de begraafplaats ligt nog een verbindingssloot met daarachter een woonwijk. De entree wordt tegenwoordig gevormd door twee gebouwen onder een schilddak met centraal de toegangspoort. De voorgevels vormen vandaag de dag één geheel. In de poort zijn houten paneeldeuren aangebracht met gietijzeren deurroosters. Voor de restauratie zat hier een eenvoudig metalen roosterhek en ontbrak de timpaan als bekroning. Boven de poort staat in Latijnse letters het jaar van ingebruikname van de begraafplaats met daaronder “BEGRAAFPLAATS”. Rechts van deze entree is het bakstenen koetshuis te vinden. Verderop, na een aantal huizen, ligt dan nog de bakstenen toegangspoort van de katholieke begraafplaats. Dat dit de toegang naar het katholieke deel is, valt gemakkelijk op te maken uit het in het metselwerk opgenomen kruis en het daarboven geplaatste hardstenen kruis.

Wie over de begraafplaats loopt, zal met name op het uitbreidingsdeel veel van dit soort monumenten met tegeltjes tegenkomen.Wie door de eerstgenoemde toegangspoort de begraafplaats oploopt, ziet meteen voor zich de oude hoofdlaan met links en rechts de oudste grafvakken. Feitelijk lopen er vanaf de ingang drie lanen de begraafplaats op waarvan de middelste de oorspronkelijke hoofdas is. De lanen lopen niet helemaal door naar achteren, maar kennen alle een knik die veroorzaakt wordt door de oude begrenzing van de Zijlsloot. Opvallend is dat je vanaf de oude ingang eerst wat naar beneden loopt, maar dat andere, jongere grafvakken weer hoger liggen. Deze hoogteverschillen laten goed zien hoe de begraafplaats in de loop der tijd is uitgebreid en dat er ook bij zo’n uitbreiding andere opvattingen waren over ontsluiting en grafcultuur. Dat is voor een groot deel tevens in de beplanting terug te zien. Die is bij de oude hoofdlaan sober, met een deels jonge aanplant van iepen, terwijl andere assen voorzien zijn van linden of taxus of ligusters. De jongere grafvakken kennen gedeelten met prunus of meelbes wat vooral in het voorjaar een fraai beeld oplevert. Wie de grafvakken op loopt, vindt meestal gras onder zijn voeten en ongeacht het jaargetijde valt altijd wel de hoge molen Aeolus op die vlak bij de begraafplaats staat.

 

 

Begraafplaats EmausOp 13 januari 2020 werd door de historische vereniging Vlaardingen op de begraafplaats Emaus het boekje 'Begraafplaats Emaus - Geschiedenis - Inventarisatie - Renovatie - Monumenten' gepresenteerd, geschreven door Leon Bok, Wout den Breems en Frits van Ooststroom. Dit is het laatste boekenproject van de voormalige voorzitter, Wout den Breems, voor zijn overlijden. Zijn betrokkenheid bij Begraafplaats Emaus was groot, zo heeft hij zich ingezet voor en bemoeid met de renovatie en was hij de drijvende kracht achter de Werkgroep Emaus van de HVV en de website www.emaus.hvv-vlaardingen.nl. Zijn kennis over Emaus wilde hij graag vastleggen. Dat heeft hij samen met Frits van Ooststroom in dit boekje gedaan. Het bevat daarnaast ook een interessant overzicht van verschillende typen grafmonumenten van de hand van Leon Bok en een overzicht van de belangrijkste grafmonumenten van bekende personen op Emaus. Het boekje is voor € 9,50 te koop bij de lokale boekhandel en in de webshop.

 

Bronnen

  • Anderson, Jan en Hjalmar Teunissen, De Dood ontziet geen mens. Begraven in Vlaardingen, Vlaardingen 2009
  • Bok, Leon, Breems, Wout den en Oostroom, Frits van, Begraafplaats Emaus. Geschiedenis – Inventarisatie – Renovatie – Monumenten, Vlaardingen, 2019
  • Bommel, A.J. van, Beschrijving van de objecten en de structuur deelproject Buizengat e.o., Vlaardingen, 1987
  • Breems, W.C. den en A. Bel, 150 jaar dragen en begraven in Vlaardingen, Vlaardingen, 1997
  • Brugge, J.P. ter; Archeologie rond het Buizengat. De grafelijke hofsteden te Vlaardingen, Vlaardingen, 1988
  • Davidse, G.J., Reconstructie van de begraafplaats Emaus te Vlaardingen, in: Groen, nr. 2 1988.
  • Luth, H.J., M.P. Zuydgeest, Het groot Vlaardings prentenboek, Schiedam, 2010
  • Plancompagnons Landschapsarchitecten, Begraafplaats Emaus Vlaardingen, 2010
  • Stenvert, R. e.a.; Monumenten in Nederland. Zuid-Holland, Zwolle, 2004

 

Internet


© 2021 Stichting Dodenakkers.nl | Alle rechten voorbehouden.Website ontwikkeld door Webcase.